Gay Pride 2012 – 2 – Gevoeligheid?

Gisteren was dus de boten parade waar ik geen deel aan nam. Ik heb zelfs niet gekeken naar het verslag van de AVRO. Even keek ik op YouTube naar het verslag dat de AVRO gemaakt had maar ik kreeg het er al na 53 seconden (precies de tijd die Ranomi Kromowidjojo nodig heeft om 100 meter te zwemmen) benauwd van en moest op de stopknop drukken.Net keek ik op Facebook naar foto’s van de parade en ook daar kreeg ik het benauwd van, ik hoorde de pompende muziek erbij, ik zag al die gekleurde bootjes vol enthousiaste toeschouwers, ik voelde de druk en de spanning en bezweek er bijna onder.

Ik weet niet wat het is, ik ben er niet blij mee, en ik weet ook niet of ik dit de rest van mijn leven houd en of dit misschien altijd al iets was dat ik had en dat ik jaren onderdrukt heb met drugs en soms drank.

Als kind zag ik al op tegen feestjes. Ik ging natuurlijk wel, ik luisterde niet naar mezelf zoals ik nu wel doe, maar meestal moest ik huilen op feestjes.

Een herinnering aan een feestje: Ik ben vier jaar en mijn beste vriendjes Sam en Bertje zijn jarig. We hebben een feestje bij hen thuis. We doen allerlei spelletjes en een ervan is Sterren zien. ‘Wil je sterren zien?’ vraagt een kind aan me. Natuurlijk wil ik wel sterren zien. Ik weet niet meer of ik lig of zit maar ik moet door een mouw van een jas kijken, dan zal ik sterren zien. Ik doe wat van me verlangd wordt en krijg een plens water over me heen. Ik schrik me rot en begin te huilen. Iedereen lacht. Ik begrijp niet waarom, ‘ik zou toch sterren gaan zien?’ zeg ik vertwijfeld. ‘ja hahaha, dit waren de sterren.’

Het is nooit meer goed gekomen tussen mij en feestjes.

Jaren lang rookte ik mezelf moed in, met mijn joint of later met mijn pijpje, had ik in ieder geval altijd mijn eigen feestje. Als ik uit ging, dansen in de Pussy Lounge, klokte ik in de eerste vijf minuten een paar tequila slam achterover en rookte mijn pijpje terwijl ik me amuseerde op de dansvloer. De hele verdere avond dronk ik cola en water en ging nuchter (maar wel stoned) naar huis maar zat eerst in de buzz van alcohol gecombineerd met wiet.

Sinds twee jaar blow ik niet meer. Ik drink wel eens een pilsje maar houd het bij een en wil ook absoluut niet meer in een roes zijn. Deze week met alle feesten die werden aangeboden was ik van plan er minstens een paar te bezoeken maar ik had geen drugs. Ik had geen drugs en drank waar ik mijn toevlucht tot kon nemen. Geen drugs, geen drank en geen vriendin waar ik me bij thuis kon voelen.

Wat deed ik? Niks. Ik bleef thuis. En zelfs daar kon ik de moed niet opbrengen te kijken.

Misschien is het volgend jaar anders.

Of misschien dans ik weer op een boot als ik zestig ben.

Twintig maanden clean

Vandaag ben ik precies twintig maanden clean – alles wat ik hier eerder postte heb ik iets minder dan twintig maanden geleden geschreven, toen ik volop aan het afkicken was van iets wat mensen veelal af doen als onschuldig.

Zo zie ik soms plaatjes op Facebook voorbij komen over het aantal doden door alcohol, autoongelukken en cannabis en cannabis zou dan nul zijn.

Ik geef nooit commentaar maar zal hier schrijven wat ik er van vind:

Steek er nog een op en dream on.

Ik geloof absoluut niet dat cannabis geen slachtoffers maakt. Al die onzin dat het niet verslavend is, dat het niet slecht is, ik heb het zelf ook verkondigd maar het is een leugen. Een leugen die ik mezelf voorhield en die nog ondersteund werd door vele anderen. Cannabis is wel verslavend en een ieder die beweert van niet heeft ongelijk en weer zal ik zeggen: steek er nog een op en dream on.

Als je leest wat ik schreef kun je lezen hoe ziek ik was en hoe lang het me gekost heeft weer een beetje normaal te worden. Me weer een beetje normaal te voelen – pas nu voel ik me weer redelijk en kan ik terug kijken op een hele moeilijke periode waar ik door heen ben gegaan

Volgens de antroposofen waar ik therapie heb gevolgd is cannabis verslavender en slechter voor de ontwikkeling van een mens dan alcohol en is een cannabisverslaving heftiger dan een alcoholverslaving. De meeste mensen waarmee ik in therapie zat hadden een alcoholverslaving maar de enkele cannabisverslaafde herkende ik meteen. Dat dromerige, dat spirituele dat wij denken te doen met onze joints.

Ondertussen zitten we in de rook met een gordijn om ons hoofd.

Ik denk aan  Boudewijn de Groot –  Als de rook om je hoofd is verdwenen

Tiende dag – 17-09-2010

Amsterdam – 17 september 2010
Had een paar hele slechte dagen. Maandag was wel het dieptepunt. Ik had de nacht van zondag op maandag ontzettend slecht geslapen, was om het kwartier wakker en moest dan plassen. Ook droomde ik weer dat ik blowde en dat ik daar enorme spijt van had, in mijn droom. Vol zelfverwijt. Hoe kon ik zo stom zijn? Ik werd wakker met pijn in mijn lijf en onrust, regen en somberheid in mijn kop. Ik ging chanten maar het hielp niet in die mate dat het mijn pad verhief. Ik was strondsaggerijnig. In de middag ging ik een stuk fietsen, naar Oudekerk en toen naar de Bijlmerarena en ook dat hielp niet. Gelukkig kreeg ik vriendin M aan de telefoon die me liet razen en tieren en huilen. Hierna voelde ik me iets beter, in ieder geval voelde mijn lichaam zich beter, ik had niet meer zo’n pijn.

Gister de therapie, ik vertelde meteen dat ik een afschuwelijke week had gehad, maar niet had geblowt. Dat vonden ze mooi en ik ging door naar de volgende groep. Eerst deden we kunstzinnige therapie, dat was weer fijn, we moesten in duo’s een schilderij maken en de ander een kleur geven die hij/zij nodig dacht te hebben, ik werkte met E. Ik vond het erg ontroerend te zien wat hij voor me maakte.

In de middag was de praatsessie. Ik deed mijn verhaal en kreeg hele positieve antwoorden, dat het zo goed was dat ik nu al die dromen had waarin ik spijt had dat ik had geblowt en dat ik eigenlijk alles zo snel oppakte.

Ze zeiden nog wel meer maar ik kan het even niet recapituleren.

Hierna had ik een uur een gesprek met een somatisch arts die mij allerlei dingen vroeg, over de verbinding tussen mijn lichaam en ziel, op een gegeven moment moest ik gaan staan en zei ze dat ze me omver ging duwen, dat deed ze, ik moest beter gaan staan, zei ze. Ook nam ze mijn pols die uitzonderlijk laag was. En zei ze dat ik een cholerisch mensentype was. Ze zei natuurlijk nog veel meer. Over mijn leven, mijn ouders, mijn grootouders en dat ik wellicht over een half jaar als die dope mijn lichaam echt uit is eens een familieopstelling kan doen bij haar.

Het vele plassen hoorde bij de afkick en ik moest maar veel drinken overdag. Ook raadde ze me aan iets ontspannends te doen voor ik ging slapen, geen TV of computer maar een tekening maken of naar muziek luisteren of iets moois lezen.

Het was een fijne dag en ik ben zo blij dat ik begonnen ben en dat ik het volhoud.

Vierde dag – avond

Heb een paar momenten erge trek gehad. Toen ik aan de telefoon was en een heavy verhaal hoorde van een dierbare vriendin, wist ik dat als ik nog blowde, ik meteen na het gesprek naar buiten was gegaan om een joint te roken.
Verder ben ik nog steeds heel erg moe.
& Ruikt het hier in de kamer naar rook.
En dat kan niet.

Vierde dag

Ja het is vandaag de vierde dag. Ik ben alweer uren op en uren bezig. Dat krijg je ervan als je niet meer blowt, energie te over. Had na de koffie wel weer zin in roken, vooral die sterke smaak van nicotine maar dat stoned zijn, daar had ik niet echt zin in. Was gistermiddag de stad in om bilologische kwark te kopen en passeerde drie koffieshops. Mijn eigen waar ik vaak joints en later stuff kocht + twee waar ik nooit wat kocht. De geur van stuf kwam in mijn neus, een oude vertrouwde lucht, er ging een steek door me heen. Ik wil het niet meer en ik wil het. Dat is de verslaving. Net als toen ik nog rookte. Ik wilde het niet maar deed het. Ik zat hier in de tuin te blowen en dacht vaak genoeg: dit heeft helemaal niks met mij te maken, het is net alsof ik iemand anders ben.

Toen ik afgesproken had, drie joints per dag te roken, moest ik die drie joints roken, ook al had ik er geen zin in, zelfde gold voor die twee en later die ene joint. Het moest gerookt worden. Nu rook ik ze niet meer en het bevalt me nu al. Die dwang, dat slaaf zijn van iets, erg vervelend.

Heb weer niet echt goed geslapen deze nacht, veel wakker om te plassen. Eigenlijk niets nieuws want ik slaap al jaren zo versnipperd. Af en toe slaap ik een hele nacht door en dan ben ik erg blij! Maar vannacht niet. Ben vandaag desondanks vol energie en tegelijkertijd moe.

Opgehouden met blowen – 7 september 2010

Vandaag 7 september 2010 is het de eerste dag van mijn volwassen leven dat ik niet blow. Een tijd geleden luisterde ik naar een paraliminal over Smoke Free vanwege mijn nieuwe verslaving aan tabak. Daar wilde ik vanaf. Er naar luisterend realiseerde ik me dat ik geen zin meer heb die rook mijn longen in te trekken en dit betekent dat ik ook moet ophouden met blowen.

Vandaag is het de eerste dag dat ik echt niet meer blow. Ik ben er zenuwachtig over. Bang voor van alles, zoals lichamelijke ontwennigsverschijnselen. Afgelopen donderdag rookte ik niet en ik werd ’s nachts wakker van druk in mijn buik en zat verder om het uur op de WC waar de poep uit me spoot. Vervuilde uiteindelijk mijn bed en voelde me beroerd. Niet hondsberoerd maar toch beroerd genoeg.

Gisteravond was ik ook niet echt lekker, ben niet gaan zwemmen, mijn buik voelde niet goed en ik ben het Internet opgegaan om te kijken of dit ontwennigsverschijnselen kunnen zijn. Ja dat kan, dus ik zit het maar uit en adem er doorheen. Het moet me toch lukken en dat gaat het ook.
Ik ruik rook. Tabaksrook. Proef het in mijn mond. Ik doe een oefening met diep in ademen en mijn twee vingers samen knijpen en loslaten als ik uitadem. Het gaat me lukken en ik neem alles als een volwassene. Spannend. Wat zal ik blij zijn op 18 november!

Stoppen met blowen – 1

Ik heb dit bericht ook al gepubliceerd op mijn huisblog – adiah.nl/joomla – maar daar blijkt het onvindbaar – geen permissie, foutcode 403 – dus ik ga alle berichten nog eens hier plaatsen –

Na ruim anderhalf jaar heb ik kleine stukken van mijn dagboek over het stoppen met blowen op mijn site gezet. Lange tijd achtte ik het niet goed om dit te doen. Ik schaamde me ervoor dat ik jaren dagelijks blowde en wilde niet dat mensen, bekenden en onbekenden dit wisten.

Nu na anderhalf jaar –  eigenlijk zijn het 20 maanden – schaam ik me niet meer. Ik heb genoeg geleerd om te weten waarom ik indertijd mijn toevlucht zocht in iets dat me verdoofde en wat ik kon gebruiken om neer te hangen tussen mij en de wereld, tussen mij en de mensen – een rookgordijn dat ik nodig had en dat op een gegeven moment mij nodig had om te bestaan.

Nu ben ik er trots op dat ik met blowen ben opgehouden. Ik heb nooit geweten hoe slecht en verslavend blowen was. Blowen – wat een idioot woord – wat een kinderlijk woord.

Ten tijde van het organiseren van de jaarlijkse oogstfeest in Saarein maakten Bettien en ik de Wietbode – daar hadden we trots een artikel ingeplakt dat beweerde dat blowers in hun puberteit waren blijven steken. We vonden dit erg grappig en waren er trots op dat wij op onze leeftijd ( zo in de veertig )  nog in de puberteit zaten.

Ik heb daar nu geen oordeel over maar beschouw het als dwaas – hahaha dat is vast een oordeel.