10 augustus 1990

Gezin1.jpg
Eerst lijkt alles gewoon, een gewone dag waarin ik twee afspraken heb en wat klusjes moet klaren. Het begint zoals altijd met koffie en ik eet twee boterhammen, ik blader wat op Facebook, deel een bericht van 46 jaar geleden met mijn eerste vriendin en mijn eerste neef en zie pas wat later dat de datum 10 augustus 1972 is, als ik het eerste deel zie van de datum wordt me de adem ontnomen.
10 augustus.
De datum dat ik wees werd.
De datum dat mijn vader stierf en ik voel me net als toen wegglijden in een donkere leegte. Ik heb geen ouders meer. In minder dan twee jaar tijd ben ik mijn beide ouders kwijtgeraakt en ik herinner me hoe mijn zus en ik allebei aan een kant van het bed staan en onze vader in een lach blijft en dood is.
En ook al wil ik er niet aan denken de dagen voor zijn dood dringen zich grof aan me op.
Het telefoontje van tante mimi.
Hoe ik de trein naar Bussum neem, ach dat herinner ik me eigenlijk niet meer maar ik herinner me wel hoe ik mijn vader ziek in bed zie liggen. Ik voel weer hoe ik zijn hand pak en aan hem vraag: vader wil je nog. Hij antwoordt niet.
Hij knijpt niet in mijn hand zoals de andere keren dat ik hem vraag, vader wil je nog.
Hij is al zo vaak zo ziek geweest en telkens knapte hij weer op, telkens wilde hij weer maar nu ligt hij zo ziek, zijn adem raspt.
De zuster roept me bij haar in het kantoortje.
‘ Het gaat niet meer,’ zegt ze, ‘ hij reageert niet meer op de medicijnen. We kunnen doorgaan maar het heeft geen zin meer. Hij is op.’
Een paar weken geleden vierden we zijn 72e verjaardag, hij was blij nog een verjaardag te vieren maar het was duidelijk dat hij niet goed was.
Wat ik niet eerder had gezien was dat hij geen controle meer had over zijn bewegingen. Zijn arm trilde luid. Vlak hierna werd hij weer ziek. En knapte weer op en nu was hij weer ziek.
‘ Je moet een beslissing nemen, ‘ zei de verpleegster, ‘ wil je dat we doorgaan of zullen we de natuur zijn werk laten doen? Misschien knapt hij op maar misschien is het tijd…..’ Ze maakte haar zin niet af want dat hoefde niet.
Misschien is het tijd afscheid te nemen?
Misschien is het tijd voor hem om te sterven?
Misschien is het tijd om wees te worden?
‘ Wil je een sigaretje om even na te denken?’
Ik was twee weken hiervoor opgehouden met roken. Nee een sigaret hoefde ik niet. Ik wilde niet meer roken en ik had geen excuses nodig om weer te beginnen.
Mijn vader was altijd zeer gedecideerd geweest over euthanasie. Als het niet meer ging, wilde hij geeuthaniseerd worden en elke keer dat hij verder achteruit ging vroeg ik hem of hij nog wilde, altijd zei of gebaarde hij Ja.
Behalve nu, hij had me niet geantwoord. Hij had niet in mijn hand geknepen wat de manier was waarop wij communiceerden sinds hij niet meer kon praten. Dit betekende voor mij dat hij niet meer wilde.
‘ Vader,’ vroeg ik nogmaals, ‘ wil je nog?’ Hij antwoordde niet.
‘ Vader,’ zei ik, ‘ ik ben opgehouden met roken.’ Hij kneep in mijn hand.
Hij was zelf al jaren geleden gestopt met roken. De bruine vlekken op zijn vingers die ik altijd zo interessant had gevonden waren langzamerhand verdwenen.
Onze moeder rookte nog op haar sterfbed, in haar laatste uren zat zij rechtop in bed, ogenschaduw, lippenstift, sjaaltje om haar nek en een sigaret in haar hand. Ze vond het duidelijk niet lekker meer maar roken zou ze.
Twee dagen en nachten zat ik bij mijn vader aan het bed. Ik wilde hem levend houden tot mijn zus, op een roadtrip in de USA, er zou zijn. Zij moest hem nog levend zien en hij moest haar nog zien. Elke keer als zijn adem stokte riep ik hem terug, ‘ vader, niet nu doodgaan, Leliën komt er aan.’ Ik vertelde hem grappen, ik praatte met hem zoals ik vroeger met hem praatte als we na een bezoek in Zwolle, Groningen of Geldrop of van vakantie in Frankrijk terug naar huis reden. Iedereen sliep. Behalve mijn vader die achter het stuur zat en ik. Ik in het midden van de achterbank, met mijn hoofd tussen de twee stoelen voorin. Ik: Vader? Hij: Ja. En dan spraken we, over alles, hij was me zo vertrouwd en zo dierbaar. Dus nu, de laatste uren van zijn leven praatte ik weer, alsof we op weg waren en op weg waren we. Op weg naar zijn dood.

Herinnering aan mijn vader


Ik zit op de grond op mijn knietjes, voor me ligt een gigantische krant, mijn vader zit in de stoel, hij leest een ander gedeelte van de krant. De krant Trouw of NRC bestaat uit twee delen. Als mijn vader het ene deel uit heeft, geeft hij dat aan mij. Ik ga er op  zitten, mijn ellebogen  op de krant, mijn hoofd in mijn handen en ik lees. Als er een moeilijk woord staat vraag ik hem wat het betekent, ik moet altijd drie keer ‘vader’ zeggen, (zo noemen wij hem) en dan heft hij zijn hoofd op en zegt: Ja? En dan vraag ik hem: wat betekent kiesrecht? Of democratie? Of turbulent? Hij legt het mij altijd geduldig uit. De enige keer dat hij me iets niet goed weet uit te leggen is als ik hem vraag wat ontuchtige handelingen betekent. Lees de zin eens voor, zegt hij. De man pleegde ontuchtige handelingen bij het meisje, lees ik. Vraag dat maar aan je moeder, zegt hij.
Tot mijn vader niet meer kan praten blijf ik hem vragen stellen over de wereld. Als ik dingen (die gebeuren) niet snap vraag ik het aan hem: vader, wat betekent dat precies, of vader, hoe komt dat? Of, vader waarom gebeurt dat.
Nog steeds betrap ik mij er soms op dat bij onduidelijkheden in de wereld ik vaak denk: dit zou ik nou eens graag aan mijn vader vragen, die zou het me precies kunnen uitleggen.

Hart 1

Het begon als een gewone dag, ik werd rond 7.15 wakker en raakte op Whatsapp meteen in gesprek met M die meestal om 6.00 wakker is, we hebben het over katten en ze vraagt me naar mijn kat, mis ik hem nog? Ik mis hem soms maar ik heb hem lang gehad en meestal voel ik meer dankbaarheid dat hij in mijn leven was dan gemis dat hij er niet meer is. Dan voel ik mijn hart opgewonden in mijn keel kloppen, ik probeer met mijn vinger de beweging van de ader in mijn hals te voelen maar het voelt zo vreemd, de ader gaat enorm te keer. Ik raak een beetje in paniek, meestal heb ik zo rond de 60 en vaak ook minder en ook meestal tikt mijn hart een regelmatig ritme maar nu is mijn hart  op hol geslagen. Ik meet met mijn Health-app mijn hartslag die 126 is. Dat is veel te snel, ik heb nog niets gedaan en nu al 126 slagen per minuut. Ik ga liggen, haal adem, doe wat nam myoho renge kyo en hoop dat mijn hart rustiger is maar bij de volgende meting is het 148. Ik schrik me rot, er gaat veel door mijn hoofd en natuurlijk vooral de infarcten van mijn vader, de dood van Peter, en hartaanvallen van vriendinnen. Ik wil niet dood, ik wil niet dood neervallen, ik haal de deur van het nachtslot (waarom eigenlijk? niemand heeft mijn sleutel?) en besluit mijn arts te bellen.

Natuurlijk is het te vroeg en is de huisarts nog niet begonnen, toch druk ik op de 1 van spoed, ik krijg een bandje van een huisartsenpost waar ik ook moet kiezen uit levensbedreigend en iets anders, ik kies iets anders terwijl mijn hart bonkerdebonkerdebonker gaat, op het bandje zeggen ze dat ik van alles gereed moet hebben maar ik heb niets gereed en als er uiteindelijk een mevrouw met een fijne tongval opneemt roep ik meteen dat ik al die gegevens niet heb, ze stelt me vragen en stuurt een ambulance. Ik moet van haar op een stoel achter de deur gaan zitten maar ik heb niet zo maar een stoel bij de hand en ga op de bank in de donkere kamer zitten. Ik ben in pyjama en mijn bed ligt open.

Er wordt na een minuut of wat stevig aangebeld en twee mannen in groene pakken komen binnen.

Ze plakken meteen allerlei dingen op me, nemen mijn temperatuur op (36.0), steken een naald in mijn arm, dan zeggen ze dat ze me mee naar het ziekenhuis nemen. Het is niet dodelijk wat ik heb maar er moet wel wat gebeuren.

 

Meditatie bij hartproblemen

hart en meditatie

De eerste stap van behandeling van hartproblemen bestaat uit een lange periode van rust en observatie, dat wil zeggen het tot rust brengen van de mentale en fysieke activiteiten.

De harmonie herstellen
Zorgen en spanningen dienen vermeden. De patiënt gaat op zoek naar de zin en onzin van z’n leven en naar wat hij/zij werkelijk wil op zoek naar een nieuwe harmonieuze verbinding met hart als bron van inspiratie en gevoel.

Wat rustige yoga oefeningen (asana’s) en ademhalingsoefeningen (pranayama) zonder inspanning zijn dan wenselijk in plaats van inspannende lichaamsoefeningen of onnodig gereis van hot naar her.

Meditatie is waarschijnlijk de beste manier om de geest tot rust te krijgen en zo ook het zenuwgestel en de emoties. Trek jezelf terug op een mooie plek, te midden van de natuur en kom zo weer tot jezelf.

Ook een omgeving met mensen met een meer spirituele oriëntatie kan wenselijk zijn.

Luister naar je hart en ontdek weer de “echte waarden” in je leven.

Neem contact op met vrienden en familie en respecteer de waarden van al deze relaties vooral diegene die zijn vergeten of geen aandacht hebben gehad. Laat alle woede, agressie en autoriteit varen.

Verlicht de Rajas (opwinding, afleiding, prikkels) en ontwikkel Sattva (helderheid en harmonie).

Jules Dorval

Google Authorship for Jules Dorval/3xprim

via Meditatie bij hartproblemen

0123

0 = niet klagen

ik heb toegezegd 10 dagen niet te klagen en ben al aan de derde dag.

Klagen doet afbreuk aan voorspoed zeggen we in het boeddhisme maar soms denk ik klagen, soms klaag ik in mijn hoofd en vandaag is zo’n dag.

Gisteren was ik zo blij dat ik weer zwom, al was het maar tweehonderd meter en vond ik dat ik zo goed bezig was en vandaag zijn er zoveel dingen die ik wil doen maar voel ik me beperkt in mijn gezondheid en kan ik de dingen niet doen die ik wil.

Afbeeldingsresultaat voor hart

Alles ertussen in….

Afbeeldingsresultaat voor man vrouw onzijdig
Nadat ik mijn stuk over mijn huilbui op de LGBTIQA bijeenkomst op Facebook had gezet kreeg ik veel mooie reacties. Deze deden me goed. Meer mensen voelen zich niet thuis als man of als vrouw. Anderen zagen het als momentopnames, ja schreef iemand daar stond ze opeens vlakbij de superfeminien, tot verbazing van haarzelf.

Ik was niet verbaasd over mijn plek. Zoals ik misschien al eerder hier zei, als ik nu een tiener of een twintiger was geweest dan had ik allang aangeklopt bij de Genderkliniek en had ik nu vast een baard en waren mijn borsten eraf maar gelukkig ben ik geen twintiger maar een zestiger en hoef ik geen franjes en uiterlijke bewijzen meer.

Een vriend van me is als zestiger de transitie ingegaan. Hij was altijd een bijzonder androgyn mens die erg boos werd als mensen hem man noemden. Ik begrijp die woede wel. Ik werd ook altijd boos als ze me in de winkel jongeman noemden toen ik een kind was. Ik werd boos omdat ik het niet leuk vond een meisje te zijn maar het wel was en ik denk dat het bij hem toen hij een haar was ook zo was, dan zeggen ze meneer tegen je maar wat heb je er aan, je bent een vrouw en hebt de status van een vrouw en dat is ergerniswekkend.

Mijn vriend W uit Washington leerde ik kennen toen hij net begonnen was met zijn transitie, ik was toen ook een tiental jaren jonger en soms voelde ik een vleug van jaloezie als ik zag hoe hij zat, hoe hij over straat liep en hoe hij de ruimte in nam. Ja dacht ik zo zou ik het ook wel willen, die vanzelfsprekendheid die mannen hebben in een ruimte. Dit is mijn plek en hier zit ik. Het ging W vanzelfsprekend af.

Wel verbaasde hij zich over het feit hoe er nou tegen hem aan werd gekeken en helemaal hoe zijn relatie bekeken werd. Opeens was het allemaal gewoon. Van een lesbische vrouw in een lesbische relatie was hij een heteroman geworden in een hetero relatie en  hoeveel gemakkelijker dat was, dat vond hij bizar.

Ik wil helemaal niet aan de ene kant of aan de andere kant, ik voel me eigenlijk prima als mens met vrouwelijke kenmerken op driekwart van de lijn van vrouw naar man. Ik wil geen hormonen slikken, ik wil geen operaties, ik wil zijn wie ik ben, een grijze, wijze vrouw, die zich meer man dan vrouw voelt maar wat is dat ook weer, een man en wat is dat ook weer een vrouw?

 

Vrouw Man en alles daartussen in

Afbeeldingsresultaat voor man vrouw onzijdig

En daar zat ik, mijn hoofd in mijn handen en ik huilde ontroostbaar. R deed een poging, hij sloeg zijn armen om me heen  en hield zijn hoofd tegen het mijne. Ik huilde en huilde.

Even voor mijn huilbui had ik me neergezet op de lijn tussen superfeminien en megamacho, er was ons gevraagd ergens te gaan staan waar we onszelf op onze plek voelden, B had het initiatief hiertoe genomen en zij (als in het meervoud) stonden in het midden. Vlak hiervoor hadden zij verteld hoe zij zich voelden…. (ik ben nu ietwat in de war,  mensen die zich niet kunnen vinden in de binaire man of vrouw geven soms in het Engels de voorkeur aan de term they, maar in het Nederlands wordt dat dan ‘zij’ terwijl dat juist niet de bedoeling is . Vanaf nu zal ik dus het Engelse ‘they’ gebruiken als ik het over iemand heb die zich niet voelt passen bij de voornaamwoorden en zij of hij hier de voorkeur aangeeft), B stond dus in het midden en they nodigde ons allemaal uit onze plek in te nemen.

Ik wist dat ik me niet thuis voelde aan de ‘vrouwelijke’ kant van B dus ik ging naar de mannelijke kant, maar waar daar? Ik stond tussen de mannen en ik ging steeds verder de kant op van megamacho en uiteindelijk belandde ik op driekwart van de lijn. Toen schoot ik al vol en wilde ik het liefst wegrennen maar ik bleef staan, tussen homomannen en heteromannen, er stonden nog twee mannen verder naar de megamacho kant maar de megamachoplek was verder leeg, niemand in de ruimte vond zichzelf megamacho.

We gingen terug naar onze plek, naar onze stoel en ik deed mijn handen voor mijn gezicht en huilde.

Waarom huilde ik?

Was het omdat ik me kwetsbaar opstelde?
Was het omdat dit de waarheid is over mijn gender-identiteit?
Was het omdat ik dit kenbaar maakte aan mijn vrienden in de SGI?
Realiseerde ik me opeens dat ik eigenlijk transgender ben?

Moest ik nu ook naar de genderkliniek en pillen slikken, operaties ondergaan, me vanaf nu man noemen?

Ik huilde om al deze vragen die in mij opwelden en ik huilde om de verwarring. Ik huilde om de duidelijkheid.

De meeting ging door en ik duwde mijn vragen naar achteren.

Thuis gekomen dacht ik verder en begreep uiteindelijk mijn verdriet.

De reden is simpel. Ik huilde om de simpele verdeling van mens in man of vrouw.
Deze verdeling is alleen op uiterlijke kenmerken gebaseerd.

Is dit niet om te huilen?