Tuin

Ik woon sinds september 1974 officieel in Amsterdam en sinds 1995 in dit huis.
Naar Amsterdam wilde ik vanaf de eerste keer dat ik hier kwam, hoe oud ik was weet ik niet meer maar ik was een klein kind. De drukte, de schreeuwende trams, de huizen dicht op elkaar trokken me enorm.
Dus ik vertrok en liet de plek achter waar ik gelukkig was geweest, de boot die in de Vecht lag aan de Mijndensedijk te Nieuwersluis.
Ik woonde op de chique van Baerlestraat, de volkse Marnixstraat, de nog keurige van Hogendorpstraat en de saaie van Beuningenstraat, hierna in het midden van de altijd drukke en lawaaiige Albert Cuypmarkt, een wilde tijd bracht ik door in de Egelantiersstraat en toen die woning tegen de vlakte zou gaan verhuisden we naar de Eerste Passeerdersdwarsstraat, nieuwbouw en beton.
Ik woonde op de hoek bovenin, zag dagelijks de zon zakken achter de huizen op de Marnixstraat.
Ik woonde overal vlakbij. Binnen vijf minuten was ik op het Leidseplein, waar ik Nelson Mandela zag en Ajax met de beker. Ook binnen vijf minuten was ik bij de Tweede Kamer, waar ik mijn hashies kocht, en bij Atheneum, voor de boeken. Ik zat vijf minuten lopen van Saarein en na twee minuten was ik bij de grote OBA op de Prinsengracht, waar ik elke week vijf boeken leende.
Het was mooi. Vooral toen het grote pand tegenover ons La Louvre was, een plek voor lesbiennes en hun vriendinnen, beneden was de vrouwengarage De Knalpot waar mijn geliefde vriendin Heleen van M voor monteur leerde.
Maar La Louvre werd met veel lawaai en geweld afgebroken. Mijn uitzicht verdween, er kwam nieuwbouw met keurige, Jordanese Amsterdamse echtparen en ik begon me erg ongelukkig te voelen.
Geen groen te zien, beton, klinkers, asfalt.
Elke nacht geschreeuw van dronken mannen.
Ik wilde weg.
De geliefde die ik had woonde in de Rivierenbuurt en in die buurt wilde ik ook wel wonen.
De Churchilllaan met al die deuren vond ik prachtig.
Twee jaar lang kocht ik elke week de ViaVia, een krant voor advertenties met een rubriek Woningruil en na twee jaar vond ik iets.
Een benedenwoning met een tuin.
Een tuin.
En ja daar geniet ik elke dag van.
En elk voorjaar.
Geniet mee.





Plaats een reactie