Reis naar USA – oktober 2012 Dag 4 – Middag – De Waterval

Vanuit JoeBean bel ik J, ze heeft me een aantal keren gemaild over haar plannen voor Rochester en het lijkt me leuk haar te ontmoeten. Ze is lief en lijkt op de een of andere manier erg onzeker. We drinken samen nog een overheerlijke koffie van JoeBean en besluiten dan de bezienswaardigheden van Rochester te gaan zien.
SAM 2538
Ze heeft een grappige nummerplaat waar in het Engels ‘Red de honden’ opstaat. Ik maak er een foto van maar ze drukt me op het hart deze niet zo op het Internet te zetten want ze is bang dat criminelen uit zullen vinden waar ze woont. Ik beloof het haar en heb net de nummerplaat onzichtbaar gemaakt.
We gaan naar de waterval. Midden in Rochester stroomt de rivier de Genessee en er is verval en een waterval.

High Falls Rochester
SAM 2546
Ik vind het altijd indrukwekkend hoe een rivier door een stad stroomt en hoe mensen bouwen langs de rivier. Ook hier staan de gebouwen aan de waterlijn.
SAM 2547
Het water valt bruisend.

SAM 2548
Eigenlijk is dat geluid van vallend water het mooiste maar dat kan ik hier niet laten horen.

SAM 2550
Ik poseer nog even met op de achtergrond de waterval. Hier kun je goed zien dat het water maar aan één kant naar beneden valt. En ik poseer, lachend, nog een keer. Maar de lach zie je niet want ik ben te ver weg.

SAM 2551

Dan neem ik zelf nog een foto op de brug.

SAM 2549

Dag 3 – in Rochester

English: Melanie Safka in Charlotte, North Car...

English: Melanie Safka in Charlotte, North Carolina in February 2005 (Photo credit: Wikipedia)

English: Rochester, NY a view from Court Stree...

English: Rochester, NY a view from Court Street at dusk (Photo credit: Wikipedia)

Rochester, New York

Rochester, New York (Photo credit: Dougtone)

English: High Falls Rochester NY

English: High Falls Rochester NY (Photo credit: Wikipedia)

Images from left to right; Rochester Skyline, ...

Images from left to right; Rochester Skyline, The Eastman Theater, the University of Rochester, High Falls district, Eastman Kodak research facility on the Genesee River (Photo credit: Wikipedia)

Het is wonderlijk hoe de geest werkt.  Of is dat vooral mijn geest? Als ik voor het eerst in een stad ben of ergens heen ga lijken de afstanden altijd lang. Dat geldt ook voor Rochester. Ik heb op de kaart opgezocht waar de bus zal stoppen en het lijkt alsof het in het midden van niks is. Ook als ik werkelijk mijn voeten neerzet op de grond bij Broadstreet lijkt het alsof ik ergens ver buiten het centrum ben gedropt. Nu ik mijn weg wat beter ken in Rochester zie ik dat Broad Street midden in het centrum ligt en uiteindelijk niet erg ver van het Blackfriars Theatre waar ik de meeste tijd zal doorbrengen.

Ze zijn hard aan het werk daar, drilboren, hopen zand en geen trottoir. Volgens de kaart die ik gisteren bekeek moet ik naar het Noorden en kan ik daar een bus nemen die op Monroe Avenue zal stoppen. Ik heb de straat gezien toen ik nog in de bus zat en ik ga op weg. Maar een kaart op een computerscherm is toch wel heel iets anders dan de werkelijkheid vol lawaai.

Iedereen aan wie ik de weg vraag kent Rochester niet tot – zoals ik woensdag al schreef – een lieve mevrouw aanbiedt me naar het adres van M te brengen. “Het is vlakbij” zegt ze. Ze ontdoet de passagiersstoel van allerlei verpakkingen die ze op de achterbank gooit en ze legt mijn koffers in de achterbak. We gaan op weg. Ze vertelt me over Rochester. Er zijn hier wel vijf universiteiten, het is een echte studentenstad. Ik kan me niet veel herinneren van wat ik zie maar op een gegeven moment herken ik het hoefijzer van huizen waar M verblijft. Dat heb ik gister goed op de kaart gezien.
1600MA

De mevrouw helpt me mijn koffers uitladen en ik bedank haar hartelijk voor haar hulp.

De deur staat open. Ik word verwacht. M & B zitten in de kelder. Daar heeft B een studio gebouwd en ze luisteren naar wat opnames van de repetities. Ze zijn beiden niet tevreden en zenuwachtig. Vanavond generale repetitie. B wordt even later gehaald door een medewerker van het theater. M gaat naar boven om zich op te maken. Ik probeer me nuttig te maken door wat op te ruimen en de vaatwasser te ontruimen.

M en ik gaan met hun auto naar het theater. De accu blijkt leeg, een man probeert te helpen maar de auto wil niet starten. M belt iemand van het theater die ons komt halen.

Het theater is een ongebouwde garage. Hoge plafonds, grote deuren. M heeft als kleedkamer een met kleurige doeken afgescheiden gedeelte van het magazijn. Een houten dressoir doet dienst als kaptafel. Grote spiegel, lampen.  Het is gezellig gemaakt met bloemen. Ik laat haar alleen.

Ik bel mijn couchsurfing host, hij komt me later op de avond halen.

Ik mag bij de generale repetitie zijn. En laat me meevoeren door het verhaal van Melanie and the Record Man. Wat een mooi, romantisch verhaal. Prachtige muziek, mooie stemmen.  Ik ben diep geraakt en onder de indruk. In de pauze komt M naar me toe, ik vertel hoe mooi ik het vind en ze is blij.

Helaas moet ik weg, mijn host komt me halen.

We laden de koffers in zijn auto en rijden naar het huis dat de komende dagen mijn huis zal zijn.

Dag 3 – USA 2012

Megabus

Megabus (Photo credit: wrestlingentropy)

Manhattan

Manhattan (Photo credit: griangrafanna)

Ook deze nacht slaapt Jopie bij me. Zelfs Nellie heeft bij me gelegen. Ik durf het haast niet aan S te bekennen maar ze is er zelf al achter. Ik heb de wekker op zes uur gezet maar ben ruim voor zessen wakker. S heeft alles klaar gezet zodat ik koffie kan maken. De middag hiervoor heb ik inkopen gedaan bij een Aziatische winkel. Ik heb fruit gekocht, wat noten en water voor onderweg. Voor de zaak werd gedemonstreerd door twee jonge mensen omdat de eigenaar van de zaak zijn personeel slecht betaalde. Eigenlijk wilden ze me niet binnen laten maar ik ben toch gegaan. Ik eet wat ananas die ik heb gekocht en maak mijn koffie. Hierna doe ik mijn morgengongyo en mijn oefeningen. Ik wil om kwart over zeven weg. Natuurlijk ben ik zenuwachtig. Gaat het me allemaal lukken? Ik heb al gezien dat ik om naar de 34e straat te komen ik alleen maar naar het perron aan de andere kant moet en dus niet zeven trappen op of aan moet sjouwen met mijn bagage waar allemaal cadeautjes in zitten. Alles gaat goed tot de 34e straat. Daar sta ik aan de verkeerde kant van de straat op de bus te wachten, dus moet ik de straat weer terug over om naar de juiste halte te gaan. Tijdens de wandeling zie ik het gebouw dat ik me de dag daarvoor had voorgenomen te onthouden.

Statue of Liberty on Liberty Island, New Jersey

Statue of Liberty on Liberty Island, New Jersey (Photo credit: Wikipedia)

Bij de juiste halte aangekomen verzeker ik me ervan dat ik goed ben. Een vriendelijk zwart meisje wijst me er op dat ik uit een automaat een kaartje nodig heb om deze overstap te maken. De chauffeur van de bus zal me er niet omvragen zegt ze maar er komen soms controleurs en dan moet je een kaartje hebben. Ze heeft gelijk. De bus laat lang op zich wachten en zit stampvol. Ik sta met mijn twee koffers. Als ik uitstap staat er een man in uniform aan wie ik mijn kaartje moet laten zien.

Om de hoek zijn de bushaltes van Megabus. De linkerkant van de stoep is afgezet mer een geel lint, er staan borden met de namen van de bestemmingen. Achter het bord met  Rochester staat een mens of tien en ik sluit me aan. Aan het eind van de straat ligt de Hudson. Deze river zal ik geregeld rechts naast me zien. Mensen sluiten zich achter me aan. Een jongen die een stoer meisje zou kunnen zijn komt achter me staan. Hij is aan het bellen, luid tettert hij in zijn telefoon en mijn oor. Ik krijg er genoeg van en ik pak ook mijn telefoon en begin in het Nederlands een gesprek met niemand. Het kalmeert me. We wachten.

SAM 2513

Iets over negenen vertrekt de bus. We gaan de Lincolntunnel in.

SAM 2515SAM 2516

Als we de Lincolntunnel uitkomen ligt New York City rechts van ons. De grote stad en de skyline.

SAM 2519

De bomen verkleuren. Ik probeer het te fotograferen maar het lukt niet zo goed vanuit een rijdende bus. Ik hoop dat ik straks in Rochester mooie plaatjes kan maken. Misschien hebben we tijd een bezoek te brengen aan een verkleurend bos. De bus rijdt en rijdt over de highway naar Rochester. Langs Verona en Amsterdam, langs Albany en Schenectady. Het landschap verandert niet. Bergen met bomen. Saai?

SAM 2520

We stoppen. Kentucky Fried Chicken, McDonalds en een goede koffieplek naast gokautomaten en een winkel waar ze allerlei onzin verkopen.

SAM 2521

Het is bloedheet in de bus. De buschauffeur heeft het zelf koel maar voor ons is de verwarming tot het hoogste opgestookt. Iedereen zit te puffen. Ik ben de oudste passagier. De meeste reizigers zijn onder de dertig en zwart. Ook de chauffeur is zwart.  Na bijna alles te hebben uitgetrokken doe ik alles weer aan om de chauffeur aan te spreken. Hij schrikt erg als ik zachtjes kuch om zijn aandacht te trekken en hij reageert erg geagiteerd als ik hem vraag of er iets met de verwarming is. Hij roept Nee maar het wordt gelukkig koeler.

SAM 2530

Dit is de Hudson. De Hudson is een rivier in de Verenigde Staten van Amerika. Hij ontspringt in het Adirondackgebergte in het noordelijk deel van de staat New York en loopt via Albany naar de stad New York, waar hij langs Manhattan en Jersey City stroomt en uitmondt in Haven van New York en New Jersey. De rivier is 507 km lang.

SAM 2532

Tijdens de rit luister ik naar Norwegian Wood van de Japanse auteur Haruki Murakami en kijk uit het raam naar de borden die me bekend voorkomen van de keer dat Peter me afhaalde van JFK en ik mee ging naar Lake Scanadaga naar de cabin van Carol en Ed die over een beek gebouwd was.

Na een lange rit kom ik eindelijk aan in Rochester. We worden op een bouwplek uit de bus geladen. Ik ben totaal verdwaald. Weet niet waar ik ben en hoe naar de stad te komen. Er zijn geen taxis te bekennen. Ik bel M die me zegt naar haar toe te komen. Aan de weinige voorbijgangers vraag ik naar een bushalte. Niemand weet iets. Dan spreek ik een vrouw aan. Zij biedt aan me naar M te brengen.

~ wordt vervolgd

Amerika – 2012

Het vliegtuig dat me naar Amerika brengt

De dag is 16 oktober 2012.
Met dit vliegtuig vertrek ik zo naar Amerika. H heeft me naar Schiphol gebracht. Ik wilde eerst gewoon met tram en trein maar AVK raadde me aan H te vragen en ik vind het erg fijn dat H het doen wil. Het is regenachtig in Nederland. We regenden nat toen we afscheid namen. Ik ben niet meer zenuwachtig. Vannacht telde ik nog de dagen dat ik weg zou zijn en vooral de dagen dat ik weer terug zou zijn maar nu ben ik er helemaal klaar voor om te gaan. Ik ben nog wel een beetje zenuwachtig hoe het me zal lukken als ik in Amerika ben maar S heeft alles duidelijk voor me opgeschreven. Als ik geland ben op John F Kennedy neem ik de Airtrain naar Jamaica, daar moet ik de A nemen en bij Hoyt Schemerhorn overstappen op de G. Die neem ik tot Churchstreet en dat is het eindpunt. Ik heb zelf op de kaart gekeken hoever het lopen is naar Ocean Parkway, een minuut of vijf.

De vlucht is goed, ik zit aan het raam naast een dikke vriendelijke man en een slanke huisvader. Twee Zweedse meisjes vroegen me te ruilen zodat zij naast elkaar konden zitten en ik in het midden maar ik heb resoluut nee gezegd. Ik wil aan het raam. Helaas is er weinig te zien. Het is bewolkt en waait. We moeten geregeld onze riemen om omdat we in turbulentie zitten en het vliegtuig behoorlijk schudt. Ik word bijna misselijk.

Iedereen heeft aan de stoel voor ons bevestigd een klein schermpje waar je films op kunt zien. Ik kijk twee films: ‘Alleen maar nette mensen’ die net een paar dagen daarvoor in premiere is gegaan en waar ik absoluut heen wilde als ik terug was maar dat hoeft nu niet meer. Grappige film. Hierna kijk ik naar The untouchable’ geloof ik, een Franse film over een invalide man en de zwarte man die voor hem werkt en hem overal heen rijdt, een feel good movie waar ik veel over gehoord heb. Hierna lees ik wat. Het vliegtuig maakt veel lawaai, het lukt me niet te luisteren naar mijn Ipod waar ik boeken heb gedownload.

Ik moet een formulier invullen voor de douane. Ik ben niet op een boerderij geweest en neem geen etenswaren mee. Ik maak me een beetje zorgen over de gedroogde moerbeibessen die ik bij me heb. Mag ik die nu wel of niet meenemen naar de States? Uiteindelijk spoel ik ze door het toilet als ik een stempel van de immigratie heb. Voor ik door de douane ga. Ik wil niet het risico lopen dat een hond mijn moerbeibessen ruikt en ik het land niet in mag.

Alles wijst zich van zelf. Ik neem de Airtrain, een vriendelijke man wijst me naar de skyline van Manhatten en een niet onvriendelijke zwarte dame die voor de subway werkt, helpt  me geld op mijn metrokaart te zetten als ik op het verbindende station kom, ik neem de metro – het wordt steeds voller en duurt allemaal erg lang maar na een uur of zo kom ik aan op Hoyt Schemerhorn, ik stap over en neem de F of de G, dat weet ik niet meer, stap uit bij Church street, neem de lift naar boven en sta in het volle zonlicht. Brooklyn.

Met aan elke hand een koffer loop ik de straat die ik zag op Google Maps in en kom op Ocean Parkway. S is gelukkig thuis, dat had ze me al verzekerd, ik neem de lift naar de zesde verdieping. Als S de deur open doet, ontmoet ik een klein zwart wit katje met een plastic ring om haar nek, Jopie. Ook ontmoet ik de grote zus van Sterretje, de schuwe Nellie.

Ik neem S mee uit eten, we gaan naar een Mexicaan, we lopen door Brooklyn en ze laat me de mooiste plekken zien uit haar buurt.

’s Avonds is het laatste debat tussen Romney en Obama, Romney heeft een zoete zalvende stem. Hij herhaalt zichzelf de hele tijd, valt Obama steeds aan maar zegt niets dat hout bijt. – of hoe zeg je dat –

Mijn tijd 5 uur, maar 23u in mijn nieuwe tijd val ik in bed, Jopie en Nellie liggen bij me.

A conversation with Melanie

Lay Down (Candles in the Rain)

Lay Down (Candles in the Rain) (Photo credit: Wikipedia)

Mata Amritanandamayi

Mata Amritanandamayi (Photo credit: Wikipedia)

English: Mata Amritanandamayi.

English: Mata Amritanandamayi. (Photo credit: Wikipedia)

English: Melanie Safka in Charlotte, North Car...

English: Melanie Safka in Charlotte, North Carolina in February 2005 (Photo credit: Wikipedia)

English: Beau Jarred, Melanie Safka's son in C...

English: Beau Jarred, Melanie Safka’s son in Charlotte, North Carolina (Photo credit: Wikipedia)

A Conversation with Melanie

Mike Ragogna: Who could this be? Why, it’s the very lovely, very iconic, Melanie.

Melanie: Hey!

MR: Hi Melanie, how are you?

M: I’m good.

MR: I have to get my clapping over with. Okay, there we go. Melanie, it’s a joy. Your latest album isEver Since You Never Heard Of Me. Traditionally, on all of your albums, we would see the credit “Produced and Arranged by Peter Shekeryk,” though this one was also produced and arranged by Beau Jarred Schekeryk, your son.

M: Yes. Beau did get to work with Peter, and he always says, “I’m so grateful, I got to work with dad on this album,” because Peter is strictly old-school and Beau is best of both worlds, new school and old school.

MR: Because you guys taught him well.

M: Well, Peter was all about the feel and capturing the feel. He would let the artist reign. That was his gift–to really let the artist come out with the album they wanted to come out with. Beau is much more in control of everything. In the technology realms, you sort of have to be in control of everything. But the magic part is making that appear as if it happened with the spontaneity and the magic of a live session.

MR: Let’s go into that. The marriage of traditional recording and modern technology really benefited you on this album. You even have a couple of spiritual songs such as “Motherhood Of Love.” I guess you’re a follower of Mata Amritanandamayi, right?

M: Amma. I’m not exactly a follower, but I’ve gotten an embrace from Amma, and it is an amazing, magical experience. It’s nothing that I could take with me for the rest of my life except in memory, but I think you have to do the hard work yourself, the meditations and the chanting. I think it’s not just the hug from Amma, although I’ll tell you it’s a nice way to jumpstart any kind of spiritual practice.

MR: Yeah, that’s what a lot of people who’ve gotten the hug have said.

M: They say that?

MR: Yeah, as far as getting a jumpstart in their spirituality.

M: Yeah, that’s exactly it. I’m always amazed when somebody thinks of something at the same time as I do.

MR: Oh, that wasn’t to downplay your experience.

M: No, I think it just occurred to me that that’s what that is. The other day, I just thought of something and I thought, “This is amazing! I have to put this out!” and there was another person who thought of this already and I thought, “How is that possible?”

MR: Well let’s talk about that for a funny moment here. What about those times, when you think you’ve had the most original idea for a song and you put it out and somebody else has the same idea on another record?

M: Yeah, that’s what happened with “Beautiful People.” I had a song that I had just written called “Beautiful People” and we produced it and Peter had it put out on Columbia records and Columbia had just released the Kenny O’Dell song “Beautiful People.” So they made me change the title of mine to “My Beautiful People,” which was not exactly what I had in mind, but they were Columbia records, so they won, but it was totally a different thing. His went like [sings] “You’ve got to be one of the most beautiful people in the whole wide world. It’s true, it’s true, it’s true! And I love you.”

MR: [laughs] Thank you for that concert just then! Melanie, in the context of you putting out your own album and self-promoting it and touring for it, you’ve been indoctrinated into the new model for the music business. Those days of needing a major label to promote your record, market you and break you are kind of going away.

M: Oh, they’re gone! I mean…that’s if you’re interested in mainstream media. If you want to be a celebrity for the sake of being a celebrity, you know, being promoted and having your face everywhere, you need a major label. I’m just amazed. Half the people, I see their faces and I say, “They’re famous for being famous,” you know, that phenomenon that’s reared its head in the last ten years or so, people that are emerging. And you’re like, “What do they do? Do they sing? Do they act? Do they write?” The amazing thing is that you don’t need to have a major label, but what your competition is–and this is what I’ve been discovering–is this flood of mediocrity. Yes, we can get everything directly, but we have to weed through the guy who plays the broccoli and whatever it is. Somebody gets their name out as a YouTube artist and people get famous for being good at getting themselves out there. Quite frankly, most creative people are not the best at getting themselves out there, so again, the competition is the flood of mediocre or less than mediocre people. I just wish people who don’t do something would stop wanting to be famous. What is the deal? Why don’t they just do something useful? You can write songs or poetry as a hobby, you don’t have to take up people’s valuable time.

MR: Well, if they play the broccoli, I have to see that. Hey, Melanie, what about the fact that everybody can be a star for five seconds, because of machines like American IdolThe Voice, and all that?

M: Well, that’s degrading, especially American Idol. That’s demeaning, that’s degrading. It brings out the worst in us. I just hate that sort of degradation.

MR: Anyway, enough of they, them, let’s talk about you! I’m sorry, but we’re going to have to throw out some Melanie hits because, hey, they were hits.

M: That’s true! I did have to live that down, being a person who was called a “folk singer.” There was a whole group of folk people who just didn’t think I belonged because I had a hit record; that was called “selling out.” Unbeknownst to me, I sold out because I had a record that was being played on the radio, and that in itself was highly suspect.

MR: Yeah, you sold out because you merely contributed to the culture songs like “Lay Down (Candles In The Rain),” one of the great Woodstock-era anthems. How could you!

M: Well, you know what was really the most wonderful comment? Jerry Leiber was a good friend of Peter’s–Peter having been my husband and producer–and he had a phone call and told Peter something. Peter said, “You have to tell this to Melanie” and he put Jerry Leiber on the phone. I hated when he would just hand me a phone…

MR: …yeah, Peter did that to me and you a few times.

M: “Here, say hello to Mike!” “Hey Mike!” [laughs] So I was put on the phone and Jerry Leiber said, “You and The Beatles have had this knack for…” to paraphrase, to make commercial music blend with art. I think that was one of the most amazing compliments that anybody’s ever paid me. He always loved “Look What They’ve Done To My Song, Ma” and he was trying to convince me to do a version called “Look What They’ve Done To My World.”

MR: Okay, now let’s go back to “Lay Down (Candles in the Rain).” As I’m nodding to your contribution to the culture, you’re also one of the heroes of Woodstock, and people know you from other hits like “Brand New Key,” “Nickel Song,” and your versions of “Ruby Tuesday,” “What Have They Done To My Song, Ma.” And there’s “Psychotherapy,” “Animal Crackers,” “The Good Book,”… You have quite a few classics. Looking at that body of work, what are your thoughts?

M: Well, it all just continued. I never stopped. When people say things like, “Melanie from the sixties,” it’s like, “Well, yeah, from the sixties, from the seventies, from the eighties, from the nineties to the new millennia, and into the beyond.” You want to know what my feeling is about that era, the sixties and seventies? As far as genre, they never knew what to do with me. Pop music was so forgiving at one point. They had The Edward Hawkins Singers with “Oh, Happy Day,” and then there’d be Connie Francis or something or Nancy Sinatra, you know what I mean? All kinds of music were coming together and the source of different genres were crossing over, so you’d hear on a pop radio station with all kinds of different influences. It was a near renaissance on Earth and people were investigating and pulling from different sources. Art was alive and music was alive, because of this interest from artists. Basically, people were doing things because they were interested. Now they’re doing things because they want to be interesting.

MR: Wow, good point.

M: It’s such a different place to come from. “Ooh, I’m going to look like this, and I’m going to sound like this, and my voice is going to do things like this,” just doing things to get people to look at them. “Look at me, look at me!” It’s unpleasant. Back then it was, “Oh, listen to this, this classical thing with the strings…I would go to SIR, the studio instrument rental place in New York city and bump into Laura Nyro who was looking for some interesting percussion to use on her session and I was looking for different flute-y type instruments–maybe a didgeridoo, you know? But it was because it would express what I wanted to express, not because, “Ooh, everybody will see that I used that and I’ll be so interesting.” It’s totally different motivations. The reason why people say that there was a value in that era of music–is it just nostalgia or is there something else? And, of course, there is something else and it comes down to motivation and intention.

MR: There’s something I wanted to throw out at you. There are a lot of indie artists out there, and I would even include you and your son in this, as far as people who are interesting, indie acts, many of whom you can find on the internet if you search. Unfortunately, we don’t get to hear it all. A lot of music seems regional again, like it was in the fifties.

M: Yeah, that’s definitely possible. I mean, I don’t think that is such a terrible thing because then they’re backing it up with performances and people have a reality on what they actually do.

MR: Good point. Now, I wanted to talk about a few other things that you’ve worked on, for instance, your book Tales From the Roadburn Café.

M: I’ve been writing journal entries for some years, and I just put them out on my website and people have been reading them. I don’t read well on a screen. I like to have stuff on paper, I like to turn a page. I’m not a big Kindle person. I’ve tried, but you know, there’s something that’s missing without the ink. I like ink on paper and I like it with books. I decided I was going to collect some of the journal entries and put them out in a book called Tales From the Roadburn Café. We published it ourselves.

MR: I want to read what it says on the front cover. “Whimsical observations told with pathos by the iconic music festival queen with photographs by Beau Jarred Shcekeryk.”

M: Yeah.

MR: You have always been about “family,” it seems. Your husband produced your albums, your kids performed on them, and you’ve all been so supportive of each other. That’s a very hard thing to do when you’re in entertainment, isn’t it?

M: Yeah, it really is, make no mistake. And over the years, so many people were really, truly envious of it, and it’s bizarre because it’s such a hard life. Being in the entertainment business at all is a very hard life. I tried to talk my kids out of it. “Be a vet or something. Something where people aren’t going to attack you,” because you’re really a target! I love that they’re all artists. I didn’t necessarily want them to pursue that as a career, but they all did. My daughter Leilah is a writer in Nashville, and Jeordie sings out in Arizona all the time. She’s actually in Chicago singing right now, and writing. She has her own website and she’s very into social media. I’m just dabbling with Twittering and stuff like that. We’ve just been a gathering of artists, really.

MR: And this latest album, Ever Since You Never Heard of Me was, of course, a family project. But then again, the last few projects you’ve released have been about the family as well.

M: Well, I never think of it that way, but I guess you could see it that way.

MR: And when you read the credits, it’s pretty obvious, you know?

M: Yeah.

MR: You’ve got yet another project going right now, one in the theatrical field.

M: Yeah! Well, before Peter passed away, he gave me an empty journal. He said, “You have to write a book. Everybody wants to hear about what you have to say.” I said, “I can’t get the order right, and it just doesn’t fit me to do this. I think you have to be very old to write a book of memoirs and I’m not old enough.” I would just back off from it all the time, but on this last road trip, we were going on tour and be in Massachusetts and Colorado. We were going to do it by car the whole way, and we packed it up, and he gave me this leather bound journal and said, “I want you to start writing this book. Just write it, it doesn’t matter what the sequence is or the order. Just do it and we’ll worry about that later.” So I didn’t do anything. I didn’t write a thing. But a few nights after Peter passed away, I realized that the story–and it is a story…it’s some story–it was our story, because really and truly, I don’t think there would be a public Melanie if there weren’t a Peter Schekeryk. I was his only client and he was dedicated to spreading the word. In fact, his last words were, “It was Melanie,” because I found this out. He had gone to upgrade his phone at a Best Buy so I wasn’t with him, and I wanted to know how it went down. The guys from Best Buy came in and they were crying. They said he came in and he said, “Did you ever hear of “Melanie? No? Oh, you’ve got to check her website,” and he had them put the website on so they could see who I was and he said, “Melanie was the one who started the lighting of candles at concerts. People don’t know this, but look,” and he was showing them this stuff but then said, “I don’t feel so good.” He keeled over and his last words were, “It was Melanie.”

MR: Oh, my God.

M: When they told me this, I had to write it, and I started the book with, “Sometimes you don’t know it’s a story until it has an end.”

MR: I’m sorry you had to go through that.

M: So this is going to be a musical. I call it a musical mystery comedy of errors.

MR: Let’s take a look at that for a second. I love the fact that you’re doing this, and with a beautiful dedication to Peter as well. I have to tell you, how I came into Melanie was of course through the singles, but I also came into your music through a magnificent album. I know everyone says Photograph is your best, but I came in through Madrugada, which I feel was an album of emotions that had music to it.

M: Yeah, thank you. That’s absolutely a great way to say it.

MR: Right from the beginning to the end, it was just one of those magic records. Also, with Peter, I had spoken to him over the years, getting a call from him like every six months, his trying to work something for you. I was never in the right place until I was at BMG, since they owned your old Buddha Records masters. But my point is that, yeah, it was always about trying to get something going for Melanie.

M: Right, exactly. He was on everybody’s time zone. He would get up at four and be talking to England. He was a one-man Melanie campaign.

MR: And those orchestral arrangements that he came up with were magnificent, I really think so.

M: Oh yeah, and some of the things that he had to do to get those strings. He was a producer for CBS when I met him, and he actually lied to CBS and told them it was a session for a group he was producing called The Marshmallows, a psychedelic group, and it was me, but I had no idea what he was up to. I had a full-out orchestra with a string arranger and the New York session strings and I did it live. It was “Beautiful People.” That’s going to be in the musical. It’s called Melanie and the Record Man and it’s going to be at the Blackfriar Theatre in October in Rochester, New York. So if you’re in and about, or not, if you want to just come in and see this…

MR: …and if people did want to get tickets, I imagine there’s a website?

M: Yeah, it’s Blackfriar’s Theatre in Rochester, New York.

MR: All right. Melanie, what advice do you have for new artists?

M: Wow. God. I would just say examine what your motives are and be careful what you wish for. People ask me this a lot. Listen…listen to things that move you and then if you have something to add to that, great. If not, maybe you want to be an archaeologist or something. Not everybody has to be a famous person. But okay, if you’re beyond that and this is what you’re going to do and no matter what this is what you have to do, if you’re driven and you know what you’ve got to do, then just follow that.

MR: Beautiful. Now, you’re going to be touring, ain’t ya?

M: Yeah. Go to my website and we will put the dates up. I’m going to be at the Brooklyn Academy of Music on November 9th, and I’m going to be at the New Hope winery in Pennsylvania on the 23rd and there’s talk about a European tour and about dates in Florida and Texas, but nothing is absolutely solid yet.

MR: And don’t forget about that Fairfield, Iowa, date!

M: I know! When am I coming to Fairfield?

MR: We’ve got to figure this out.

M: I’ve never performed in Iowa.

MR: Iowa wants its fair share of Melanie, too, you know. Hey, let’s close with a thought or two on a special song from Ever Since You Never Heard of Me, “I Tried To Die Young.”

M: I think there was this “Never trust anyone over thirty” sort of thing, there was this thought that nobody cool ever gets old. We all leave before we get ugly. Of course it doesn’t happen.

MR: Too late for me!

MS: The good die young, so here we are.

MR: [laughs] Any other words of wisdom?

M: Oh, gosh. Nothing’s coming out. I’ll Twitter it.

MR: [laughs] You got it. Thank you very much, Melanie. I really do appreciate your time. It’s been beautiful. You truly are beautiful people.

M: Thank you.

Transcribed by Galen Hawthorne

http://www.huffingtonpost.com/mike-ragogna/conversations-with-melani_b_1908414.html

Dromen in de vroege herfst en late ochtend

I think Melanie Safka is literally the most be...

I think Melanie Safka is literally the most beautiful woman ever. (Photo credit: Jessica Watkins DeWinter)

Michelle Obama, official White House portrait.

Michelle Obama, official White House portrait. (Photo credit: Wikipedia)

AL eerder gepubliceerd op adiah.nl/joomla

Ik droom:
Mij ex komt bij me langs, ze wil met me praten. Ik ontvang haar in het huis van mijn ouders. Daar ben ik lang niet geweest, mijn ouders zijn er niet, op vakantie geloof ik. Het huis ligt vol met onopgemaakte bedden. Overal hebben mensen gelogeerd en ik ben bezig met het afhalen van de lakens. In elke kamer ligt wel een onopgemaakt bed, zelfs in de keuken.
Ex doet erg uit de hoogte, ze lijkt niet echt op zichzelf, ze heeft haar haar blond geverfd en eigenlijk lijkt ze op een andere ex van jaren geleden maar toch is het haar, mijn laatste en meest recente ex. Ze begint me af te kraken en het huis waar ik in woon, ze gaat met haar vingers langs de plinten en heeft stof aan haar vingers, ze wijst me op vingers op de ramen en op het stof dat zich op oppervlaktes verzameld heeft. Ze maakt een denigrerende opmerking en ik zeg: ‘als je zo bezig bent, wil ik liever dat je gaat’ maar toch is dat niet wat k wil.
Droom 2
Ik ben in een kleedkamer met Melanie, maar het is geen theaterkleedkamer denk ik nu achteraf, maar een sportkleedkamer. We hebben net gesport, misschien gezwommen, ik heb alleen een handdoek om. Michelle Obama is geïnteresseerd in Melanie en zij is er ook. Michelle Obama vraagt me of ik een man ben, ‘Nee’, zeg ik ‘ik ben een vrouw’. Omdat ik naakt ben onder de handdoek en dit tenslotte een kleedkamer is, doe ik de handdoek open om haar mijn lichaam te laten zien. Ze kijkt naar mijn lichaam, ik heb borsten en een driehoek boven mijn benen. ‘Ben je geopereerd dan?’ vraagt Michelle die blijkbaar niet wil geloven dat ik een vrouw ben. ‘Nee’ zeg ik, ‘ik ben als vrouw geboren.’ Ik vind het wel grappig dat The First Lady denkt dat ik transseksueel ben. Ik wil haar vragen waarom ze denkt dat ik een man ben. Is het mijn stem, mijn houding, de manier waarop ik loop? ‘Maar wat is dat dan?’ The First Lady wijst op iets tussen mijn benen. Ik twijfel opeens. Het doet me denken aan toen ik heel jong was en verliefd was op meisjes. Dat snapte ik toen niet, was ik soms een man? Ben ik eigenlijk een man? Ik begin te huilen.