Tegenstelling van het leven

Het is een vreemde combinatie van me eenzaam voelen en genieten van het het feit dat ik alleen ben. Eenzaam voel ik me veelal als ik met anderen  ben die met z’n tweeën zijn, in een bar, op een feest of in de kleedkamer en voel  ik me eenzaam als ik op weg naar huis ben en er niemand is die op me wacht, als ik niet weet of ik weer lichamelijk van iemand zal houden of dat er iemand komen zal die lichamelijk van mij houdt, iemand die met me lacht, me over mijn wenkbrauwen streelt, iemand die met smaak mijn eten eet, iemand die me mezelf even doet vergeten, iemand die er voor mij is – op dit soort momenten voel ik me eenzaam.

Soms als ik dit vertel zeggen mensen: ‘ach ik vind het best fijn om alleen te zijn’ – dat vind ik ook en hierover later meer, maar de mensen die dat zeggen hebben vaak een relatie, kinderen, kleinkinderen en vinden het fijn om ook eens alleen te zijn. Dit vind ik niet te vergelijken met hoe ik me voel en dat is het natuurlijk ook niet want iedereen is anders en iedereen ervaart de dingen anders.

Ik heb geen vader, geen moeder, geen kinderen, geen kleinkinderen, geen partner, ik heb één vriendin die ik bijna dagelijks spreek en ik heb mezelf. En ik begin mezelf steeds meer lief te hebben. Dit ook dankzij het feit dat ik alleen ben en dus alle tijd heb om over mezelf te leren.
Als ik weer thuis ben, in de geborgenheid en beslotenheid van mijn eigen huis ben ik blij dat ik alleen ben. Niemand die zeurt, ik kan doen wat ik wil, mijn tijd is de mijne, niemand stoort me, niemand wil iets van me. Dan kan ik genieten van de lege ruimte rondom me. Er is niemand.
Dit is mijn tegenstelling van het leven. Verdriet hebben om de eenzaamheid, genieten van het alleen zijn