Haar laatste verjaardag

Twee jaar geleden ging ik, zoals vele jaren hiervoor, naar de verjaardag van iemand die ik, op dat moment als mijn beste vriendin beschouwde, ik ontmoette haar toen ik mijn eerste stappen in de lesbische wereld zette. Ik kon met haar lachen, huilen en ze kwam voor me op als ze vond dat mensen me slecht behandelden. Hoewel zij altijd een heerlijke chocoladetaart met krokante bodem had op haar verjaardag, had ik ook gebakjes meegenomen, Een slagroomommelet van de fijne bakker op de hoek. We dronken koffie, zij rookte een sigaret, ze hield van Marlboro, we aten gebak, bewonderden haar kerstboom en praatten over het leven. Ze vertelde dat ze zo’n pijn in haar rug had en we speculeerden over wat de oorzaak kon zijn van de pijn en ze vertelde dat ze laatst naar een winkel was gegaan en zo’n pijn had dat ze in huilen was uitgebarsten. Ik probeerde met haar te bedenken wat het kon zijn. Ze was niet iemand die snel naar de dokter ging dus dat suggereerde ik niet. Het was een aangenaam verpozen. Er was nog een dierbare vriendin en samen rookten zij een joint. Op de heenweg was ik met de tram gekomen en was ik in de tram mijn nieuwe muts vergeten en toen ik de deur uitging en had verteld dat ik naar huis wilde lopen gaf Lidi me haar muts, een witte. Ik liep naar huis over de kerstmarkt op het Museumplein.

Ik zag haar nog drie keer.
Een paar weken later ging ik opnieuw op bezoek, met weer die overheerlijke slagroomomelet. Haar nichtje was er aan het schoonmaken, want dat kon ze niet meer. Toen het nichtje weg was stak ze een sigaret op en rookte ze er twee achter elkaar. De heesheid in haar stem was verdwenen, ze zat weer wat rechterop en vertelde dat ze niet wilde roken als het nichtje er was, want die vond het zo erg dat ze rookte.
Ze was inmiddels naar de dokter geweest. Er was begin februari een afspraak in het ziekenhuis om een foto van haar rug te nemen en haar bloed te onderzoeken. De pijn die ze had was toegenomen en ze kreeg pleisters met morfine. De pijn bleef toe nemen en tien dagen later werd ze in het ziekenhuis opgenomen. Ze hielden haar daar. Ik ging nog twee keer langs, weer met de slagroomomelet, het enige dat ze kon eten.
De laatste keer dat ik bij haar was, was een zaterdagavond. Ze lag inmiddels op een kamer alleen en ze wist dat de prognose niet goed was. Ze had nog enkele weken.
Ik zou dinsdag weer langskomen. Maandagavond kwam haar laatste bericht. Ze was blij omdat ze nieuwe medicijnen had en geen pijn meer.
Ik kon niet langskomen op dinsdag, ze was in een coma.
De volgende ochtend overleed ze. Ze had begin februari niet gehaald.





Plaats een reactie