Vervoer

Fiets

Mijn eerste fiets kreeg ik voor mijn vijfde verjaardag. Ik had al een beetje zo’n vermoeden dat ik een fiets zou krijgen want mijn zus die twee jaar ouder was was druk bezig haar fiets schoon te maken. Dat is een van de kanten van de jongste zijn, een nadelige kant, je krijgt de afdankers van je oudere zus. Dat had ik al snel door. Kreeg zij op haar vijfde een prachtige splinternieuwe fiets, ik moest blij zijn met haar oude fiets. Dat was ik ook.
Ik had een step waar ik de straten mee door racete. Ik vond het heerlijk mijn benen uit te slaan, of beter gezegd naar achteren te slaan en dan hard vooruit te gaan maar een fiets was natuurlijk veel stoerder, ook al had ik een stoere step met rubberen banden.

Mijn rode step

Je had ook kindersteppen, die vond ik natuurlijk kinderachtig. Dat waren houten steppen, met kleine houten wieltjes . Ik had een rode step, groter dan de kinderstep, waar ik de hele buurt mee door crosste. Het was in de jaren vijftig. Er waren nog niet zoveel auto’s op de weg, er was weinig verkeer en mijn moeder had me goed geleerd waar ik moest kijken bij het oversteken van een straat.
Eerst naar links kijken, dan naar rechts kijken en dan nog een keer naar links kijken. Als er niets aankwam mocht ik oversteken. Met de step reed ik op straat aan de rechterkant, ik zoefde over het zwarte asfalt.
Maar met alle liefde ruilde ik mijn step in voor een fiets.
Op mijn verjaardag kwam ons gezin, mijn broertje, mijn zusje, mijn vader en moeder zingend mijn slaapkamer binnen: ‘Lang zal ze leven’ zingend en Oh wat zijn we heden blij, hoera hoera hoera’’ , ik kreeg thee op bed, misschien een beschuitje met suiker en cadeautjes van mijn broer en zus.
In de woonkamer stond de schoongemaakte fiets met een strik en ballonnen. Natuurlijk was ik blij met de fiets maar eerlijk gezegd had ik liever een nieuwe fiets maar die kreeg ik pas toen ik zeven werd.
Mijn vader en mijn zusje leerden me fietsen. Ik zat op het zadel probeerde mijn evenwicht te vinden, ik trapte de trappers rond en mijn vader hield de begagedrager, het achteropzitje vast, ik fietste, als ik mijn evenwicht verloor hield mijn vader de fiets in evenwicht maar al heel snel liet hij los en fietste ik weg.
‘Je fietst los,’ riep mijn zusje enthousiast en ook mijn vader keer erg blij.
Ik was ook blij.
Ik fietste los.
En dat heb ik de rest van mijn leven gedaan. Los gefietst.

Gedachten over de dood

Elke morgen en elke avond, of in ieder geval elke keer als ik gongyo doe wat de belangrijkste beoefening is in het Nichiren Boeddhisme spreken we een gebed uit voor de doden.
Wij noemen hun namen.

Ik begin altijd met het noemen van mijn moeders naam, hierna noem ik mijn vaders naam en hierna komen mijn vriendinnen, ik noem de namen van mijn voorvaders en voormoeders en noem soms de namen van andere doden die ik kende.
Op deze manier leven ze voort.
Vanavond tijdens de gongyo en tijdens dat gebed viel ik opeens in de diepe put van de dood. Opeens realiseerde ik me wat de dood was, dat ik mijn moeder nooit meer zou zien, ik kon wel chanten en haar naam zeggen maar ik zou haar nooit meer zien in de gedaante die ze was, de kleine slanke goedgeklede vrouw met haar gekleurde zachte huid, haar donkere krullen en haar donkere ogen, ik zie haar alleen in mijn gedachten, haar stem was ik meteen kwijt maar haar beeld heb ik nog maar dat is alles wat ik heb, meer heb ik niet en meer is er niet, ze is weg, voorgoed weg, net als mijn vader. Even voelde ik niks van die lijn die ons verbindt, de lijn verdwijnt in het grote gat van het verleden en er is geen vervolg, ik heb geen kinderen en zij die voor mij waren zijn niet meer.
Ik zweef er tussen in.
Het leven is eeuwig en het leven is zo kort. De mensen kennen we zo kort. Verspil geen tijd maak geen ruzie heb lief heb lief heb elkander lief.

De vogelgriep

Ik las vanmorgen zo een triest bericht over de vogelgriep in het AD. De kop was:

Ganzen vallen bij bosjes uit de lucht

overal, ook in woonwijken worden dode vogels gevonden. Bij het artikel zat een kaart, en ook rondom Amsterdam vallen ze en sterven ze. En niet alleen vogels maar ook beesten die vogels eten. Vossen, marters, dassen, bunzingen
Wat me triest maakte was wat Petra de Jong van Dierenambulance Noord-West Veluwe. zegt: “Dit virus slaat bij de vogels op de hersenen. Dat is heel naar om te zien”

En ook al zie ik het niet, ik vind het zo naar om te lezen.

En dan die beesten die in een klap gedood worden, 170.000. 216.000. Getallen die hun betekenis verliezen. Het eten van vlees, van kip, van eend, van koe, van varken. Ik ben zo blij dat ik dat niet meer doe.

Ik kijk naar de vogels in mijn tuin, komen ze nog, mis ik er een en terwijl ik dit schrijf zit er een merel in de boom voor mijn huis.

Misschien is dit verwarrend geschreven, Ik ben ook in de war.

Winter

We zitten er nog midden in. Winter. Vroeger had ik er erg veel moeite mee zoals ik het ook moeilijk had met leven. Tot een inmiddels ex-vriendin me op de schoonheid van de winter attent maakte.

‘Kijk,’ zei ze, ‘je kunt door de kale takken de hemel zien, dat kan niet in de zomer.’ en zo is het. Als je eenmaal iets gezien hebt kun je het niet meer ont-zien. Nu geniet ik van de schoonheid van de kale bomen. Het lijken wel de aderen van de wereld die kale takken en misschien zijn ze dat ook wel.

Die ex-vriendin is niet mijn ex, of een van mijn vele ex-en maar wel iemand waar ik niet meer bevriend mee ben, dat gebeurt zoals we allemaal weten. We hebben een vriendschap met iemand en dan gebeurt er iets of er gebeurt niets en de vriendschap is voorbij.

Net zoals de winter voorbij gaat, gaat sommige vriendschap voorbij.

Niet te fanatiek graag.

In het De Mirandabad in Amsterdam

Gisteren weer gesport. Het was de eerste keer na die flauwte. Op de dag van de flauwte deed ik mee met zo’n RIVM Corona onderzoek en vulde ik in dat mijn conditie uitstekend was. Zo voelde het toen en een paar uur later kreeg ik die flauwte. Na wat onderzoek online (hahaha en er dan wat van vinden als mensen ’online onderzoek’ doen) ben ik tot de conclusie gekomen dat het te doen heeft met water in mijn oor. Sinds ik de op maat gemaakte oordoppen verloren ben, heb ik generieke oordopjes gebruikt. De meeste daarvan verlies ik. Ik heb nu oordopjes aan een touwtje. Zo verlies ik ze niet als ze uit mijn oor springen want dat doen ze steeds.
Ook die laatste keer. Tijdens het zwemmen voelde ik dat er water in mijn oor gleed. Na 1700 meter stond ik onder de hete douche en voelde me langzaam wegglijden. Ik spoedde mij naar de omkleedtent om op een stoel te gaan zitten. De vrouwen naast me zagen dat het niet goed met me ging en de badmeester werd gewaarschuwd. Het was Atma, hij kwam met een banaan en thee met suiker en na een lange tijd van zitten en me akelig voelen kwam gelukkig het moment dat ik me weer aan kon kleden en ging ik langzaam op de fiets naar huis.

De schrik zat er in en met die schrik kwam de passiviteit . Ik deed even niets fysiek, een paar dagen durfde ik niets. Een week geleden had ik me aangemeld voor een buitentraining bij mijn sportschool. Ik zag dat ik de enige was die zich had aangemeld dus ik durfde het wel aan. Mijn trainer was E, een vriendelijke toegewijde jongeman uit Griekenland met een moeder die twintig jaar jonger is dan ik. Bij de vorige lockdown heb ik een paar keer bij hem getraind en hij was vol bewondering voor wat ik kon…. meer dan zijn moeder zei hij, (die dus twintig jaar jonger is).
Enfin, gisteren buiten bij hem getraind, bovenlichaam, onderlichaam en natuurlijk genoot ik er volop van opnieuw te voelen dat ik spieren heb.

En dan….
Heb ik meteen de neiging weer heel fanatiek te gaan doen. Vanmorgen op en neer te springen, een flinke wandeling te maken, om 12.15 mee te doen met een online training en om 16u te gaan zwemmen in het De Mirandabad.
Ik ga dit niet doen. IK GA DIT NIET DOEN. Ik ga proberen het rustig aan te doen. Geen wandelingen, geen yoga, geen op en neer gespring. Wel de online training en ook het zwemmen. Maar bij het zwemmen wil ik proberen maar een half uur te zwemmen. En misschien wel in de rechterbaan, of ik bedoel de linkerbaan, die is ook dubbel en er zwemmen mensen die niet zo fanatiek zijn als in de borstcrawlbaan. Hoewel ik altijd mijn eigen tempo zwem word ik klaarblijkelijk toch opgejut in die borstcrawlbaan. Of zou het helemaal niet liggen aan het opjutten door die fanatieke zwemmers in wetsuit en ligt het vooral aan dat water dat mijn oor in sijpelt?
Morgen een afspraak gemaakt bij Beter Horen voor op maat gemaakte oordopjes.

Lopen met Keesje

Keesje in het Spinozaparkje, van het voormalig bolwerk Weesp
https://www.amsterdam.nl/kunst-cultuur/monumenten/gebouwen-gebieden/bolwerken-amsterdam/bolwerken/molen-het-fortuin/

Het is een donderdag en de laatste zestig donderdagen was ik bezig met Keesje en Hanneke. Om deze tijd was ik meestal al gewassen en aangekleed om om 10.30 bij Hanneke te zijn. Soms lukte dat me niet en schreef ik een korte WhatsApp dat het later zou worden.
Vanaf mijn eerste loopje met Keesje hield ik van haar en wist ik weer wat ik zo fijn vind aan het lopen met een hond.
Dat doelloze lopen met een doel.
Een hond die ruikt aan een boom en waar ik bij sta, niets doen en toch iets doen.
Na de eerste boom de volgende boom, of een paaltje of een muur of het beschermingspak rond een motor, alles werd besnuffeld en geroken. Wat rook ze nu? Een knappe jongen met lange zwarte haren, die herdershond die door zijn voorpoten zakte of was het die bruine vrolijke labrador?
Wat las ze? Het was alsof ze de krant las en alle nieuwtjes rook.
Samen met Keesje verkende ik de buurt, ze had kleine korte pootjes maar ze wilde wel lopen, ik kwam in straten waar ik nooit geweest was, ontdekte leuke winkeltjes, werkplekken, mooie muurschilderingen. In de lente ontdekte ik een allerliefst parkje waar ooit een kinderziekenhuis stond. De meidoorns bloeiden, er doken tulpen op. Keesje liep los en snuffelde over het gras, ze vond het heerlijk daar en ik ook. Soms staken we de brug over en liepen over de Mauritskade en langs de Singelgracht terug naar Hanneke. Dit parkje werd een favoriet, al voor we de hoek omgingen had Keesje zin in het park, ik liet haar los en ze huppelde het gras op. Dat hele gras werd besnuffeld. Soms liep ze door het aangelegde stukje met steentjes en bankjes en soms liep ze eromheen, langs de beukenhaag. Zullen de bladeren van die heg nu bruin zijn? Meestal liepen we tot het einde van het parkje en keerde Keesje om, er waren nog plekken te besnuffelen, ze had nog wat plekjes gemist. Soms kwamen we andere honden tegen, er waren maar weinig honden die Keesje leuk vond, vaak gaf ze een snauw als honden haar te dicht naderden.

Verrader?

Verrader?

sheep with medical mask in the field

Ik heb me zo goed als mogelijk geïnformeerd over de vaccinaties, de RIVM kant en de andere kant ~ vooral door een dierbare vriendin die in complotten gelooft en in the Deep State en Trump als redder van de mensheid en Bill Gates als doder van de mensheid, zij stuurt mij allerlei artikelen en videos op die ik met interesse bekeek maar ook voerde ik informatieve gesprekken met artsen en verpleegkundigen.

Hierna besloot ik om me te laten vaccineren.
Ik weet dat veel mensen dit doen om hun kwetsbare medemensen te beschermen, ik deed het vooral voor mezelf: ik heb overgewicht en het idee op mijn buik de dood te ontmoeten was onverdraaglijk.
Er worden allerlei theorieën over die prik verspreid door mensen die het er niet mee eens zijn: van manipulatie door de overheid tot iedereen die geprikt is sterft over een jaar zodat de overbevolking tot stand wordt gebracht.
Ik denk: het zal allemaal wel.

Ik ben ingeënt, dat was mijn keuze en mijn zaak.
Ik had geen zin een foto van mezelf te plaatsen met een spuit in mijn arm en ik had ook geen zin te verkondigen dat ik de vaccinaties had ontvangen. Ik ben onlangs na een nare snee ingeënt tegen Tetanus en toen ik een reis naar Zuid Amerika maakte kreeg ik een prik tegen de Gele Koorts en heb (tot nu toe) geen behoefte dat te delen. Wat ik met mijn lichaam doe is mijn zaak en wat ik er in stop ook.

Lieve vrienden van me kiezen ervoor dat ook te doen, de meesten, of ze kiezen ze ervoor het niet te doen. De vrienden die ervoor kiezen het niet te doen willen dat ik solidair ben, dat wil ik altijd wel zijn dus ik vroeg hoe ze wilden dat ik solidair was. Ik kreeg hier geen antwoord op. Ik zie meer niet-gevaccineerden om solidariteit vragen maar hoe moet ik laten zien dat ik solidair ben met mensen die geen vaccinatie willen? Kan ik dat laten zien door ook niet meer naar het theater te gaan waar ik mijn qr-code moet laten zien? Is dat solidair zijn?
Het spijt me bijzonder voor al die mensen die ik misschien teleurstel, maar ik blijf naar het theater gaan en ik laat desgevraagd mijn qr-code zien
En wat ik me afvraag: een aantal van die mensen die zich niet willen laten vaccineren poppen wel pillen of hoe zeg je dat? Als ze naar een feestje gaan slikken ze zo’n vrolijke pil, of ze snuiven zo’n gezellig lijntje waar bossen om gekapt worden en sommige mensen die het echt niet goed met andere mensen voor hebben erg rijk van worden en waar hier in Nederland mensen om vermoord worden. Dat is wel oké maar een vaccinatie is niet oké?
Als je mij een verrader vindt, jammer. Als je me een schaap vindt, mwehhhh.

Zelf Sporten

In de Corona quarantaine winter zwom ik de hele winter buiten door in het De Mirandabad.

Dertig jaar geleden begon ik met geregeld sporten. Iedereen die mij ontmoet en mij niet echt kent, alleen van Facebook zegt tegen me: Oh jij bent Dia, die zwemmer’ en dan zeg ik Ja.
Toch zie ik mijzelf niet als sporter of als zwemmer. Ja ik zwem graag, maar echt snel ben ik niet en Ja ik sport graag, maar erg goed ben ik niet. Ik heb niet de verwachting dat ik beter word en ook de hoop niet. Ik vind het gewoon leuk om te doen en daarom doe ik het. Drie a vier keer in de week doe ik iets anders dan op de bank hangen of eten. Dan lig ik in het zwembad of ik ben bezig gewichten te duwen op een machine of ik loop ik door een virtueel landschap op een loopband.
Soms voel ik me niet lekker en dan doe ik een paar dagen niks. Zoals afgelopen week. Ik heb toen wel een rondje Pampus gezwommen door weer en vooral wind maar verder niet echt iets gezwommen of getild. En dat zwemmen rond Pampus was meer een gevecht met de golven dan me door het water voortbewegen.
Woensdag ging ik weer zwemmen bij mijn club GSA en wat was het zwaar, pas na veertig minuten ging het weer een beetje en kwam ik erin. Gisteren op de sportschool ging het ook enorm moeizaam en deed ik nog maar een rondje. Vandaag was ik weer in de sportschool en deed ik mee met Circuittraining, ook daar ben ik niet echt goed in, de trainer deed wel steeds zijn duim omhoog maar ik wilde zo zijn als het 23-jarige meisje dat ook mee sportte en dat lukte me helemaal niet.
Toch ben ik erg blij dat ik zoveel sport want hoe vaker je het doet hoe beter het gaat en ik prijs mezelf gelukkig dat ik al dertig jaar minimaal drie keer in de week sport.

Dansen met Kitty

Kan een afbeelding zijn van 2 mensen, waaronder Dia Huizinga

Mijn moeder is bijna 33 jaar dood. Het is bijna langer dan ik haar kende. Ik denk elke dag wel even aan haar. Meestal niet met verdriet maar soms opeens schiet ik vol en breek ik.
Terwijl ik net dansend door de kamer loop op het gezellige liedje We’re the kids in America van Kim Wilde zie ik opeens mijn moeder die danst en ik schiet vol. Ze had zo’n sensuele, tedere en gevoelige manier van dansen die ik alleen bij haar zag en pas later zag bij zwarte vrouwen. Zonder haar oorsprong te kennen wist haar lichaam waar ze vandaan kwam. Ik denk aan haar met natte ogen en een vol en verdrietig hart.

%d bloggers liken dit: