De jeugd van nu

Als 65-plusser met een onderliggende kwaal houd ik me zo goed mogelijk aan de Coronaregels; ik doe een mondkapje voor in winkels en soms op straat en natuurlijk in het OV als ik daarmee reis, ik houd afstand, zo goed mogelijk, ik schud geen handen meer, geef geen kussen en heb sinds maart 2020 (Dayna Kurtz was de laatste) slechts één keer iemand omhelsd. Maar ook al ben ik dus een bejaarde of een oude van dagen ik herinner me nog heel goed hoe ik was toen ik een begin twintiger was en me eindelijk vrij voelde te zijn wie ik was. Welk een vreugde was dat. Ik deed alles wat ik wilde. Amsterdam was een andere stad dan ze nu is, niet aangeharkt maar met open gaten en een linkse mentaliteit. Overal in de stad waren illegale ruimtes waar tot diep in de nacht of tot vroeg in de ochtend gedanst kon worden, na het dansen ontbeten we in kraakcafés waar je voor vijf cent een boterham met pindakaas kon eten en een dubbeltje betaalde voor onbeperkte filterkoffie. Twee van de vriendinnen die ik toen maakte beschouw ik nog steeds als mijn dierbaarste vriendinnen, andere vriendinnen verhuisden terug naar het land van herkomst of zijn overleden en natuurlijk zijn er vriendinnen die geen vriendinnen meer zijn.

Ik hoorde over dat illegale feest in Frankrijk en ik dacht dat indien ik nu 19 of 20 zou zijn ik misschien wel met mijn vriendinnen naar dat feest zou zijn afgereisd.
Al hoor ik van mensen die Voor Corona naar illegale feesten gingen (feesten veelal georganiseerd en bezocht door mensen die een alternatieve levensstijl aanhangen) dat deze ‘nieuwe illegale raves’ minder veilig voor LGTBIQA+ en voor vrouwen.

Toen ik de foto’s van dat feest in Frankrijk zag, mensen met lachgasballonnetjes, mensen met een door XTC of MDMA gelukzalige grijs op hun gezicht of stomdronken (het waren allemaal mannen op de foto) dacht ik Oh Nee, dat nooit.

Maar wat ik eigenlijk wil zeggen is dat ik ze begrijp. Hoe moeilijk zou het zijn als ik nu 20 was en niet naar college kon, niet naar het café, niet wild dansen op de maan, niet vrienden voor het leven kon maken.

Dus jonge vrienden (die ik helaas niet heb), ik dank jullie voor alles wat je laat en laten moet.

De buren

De vrolijke regenboogvlag in top.

Toen ik uiteindelijk, in 1972, de keuze had gemaakt lesbisch te leven was ik me bewust van een aantal dingen:
– ik zou nooit moeder worden en ook nooit grootmoeder -(ik weet dat dit tegenwoordig anders is maar in die tijd was dit voor mij de logische conclusie), ik zou nooit zwanger worden door het liefdesspel
– Ik zou nooit als ‘normaal’ worden beschouwd
– Ik zou die ‘ander’ zijn
– Ik zou meestal in de minderheid zijn
– Er zouden mensen zijn die mij veroordelen.

Ik genoot van alle evenementen waar ik heen ging, eerst waren ze alleen voor vrouwen, later waren ze ‘roze’ en voor gevoelsgenoten en soms deelde ik de dansvloer met hetero’s en heterokoppels. Zo gauw het mogelijk was, en dat was pas in 1996, werd ik lid van een homoseksuele sportvereniging. Gay Swim Amsterdam. Op deze vereniging kon ik gewoon mezelf zijn zonder dat ik iets hoefde uit te leggen of iets hoefde te verbergen over mijn liefdesleven. Wat een verademing.

Op een fantastische groepsreis waren al mijn medereizigers heteroseksueel, ik vond het gezellig maar toen we terug kwamen in het hotel waar onze reis was begonnen zag ik in de nieuwe groep twee lesbische stellen en een homoseksueel koppel en voelde ik hoe leuk ik het had gevonden als dat in mijn groep ook zo geweest was.

In de straat waar ik woon wonen twee lesbische stellen, het ene stel woont aan het andere eind van de straat, ik ken ze maar ze kennen ze mij niet (meer) en het andere stel woont een eind verderop in de straat en ken ik niet. Voor de rest wonen hier gezinnen van alle leeftijden, man, vrouw en kinderen. Tegenover me woonde een allerliefst gezin, vader, moeder, twee schattige dochtertjes. Ze zijn verhuisd maar onlangs zag ik ze weer, samen met twee jonge mannen, nou ja jong, dertigers, mijn hart sprong op….zou het? Zou ik tegenover me een homo stel komen te wonen? Ik zag ons al de regenboogvlag uithangen tijdens Pride. Iets dat ik nu niet doe omdat ….. maar met een homo stel aan de overkant gaat de vlag uit.

Keuzes

Stap je er uit en blijf je er in?

Een mens die heeft gekozen als homoseksueel of lesbienne te leven maakt van alles mee….ja net zoals iedereen maar toch….. deze keuze geeft een extra dimensie aan ons leven.
We komen steeds opnieuw uit de kast, het eerste grote uit de kast komen is vaak als we onze ouders vertellen dat we homoseksueel of lesbisch zijn[Ik geef er de voorkeur aan dat onderscheid tussen lesbisch en homoseksueel te maken], hierna volgt (wel of niet) de rest van de familie, de broers en zussen, de ooms en tantes, de volgende die aan de beurt zijn zijn onze vrienden, als we die hebben, hierna kunnen we een tijdlang stil zijn en vragen we ons steeds opnieuw af of we het op ons werk vertellen, of we het aan nieuwe mensen vertellen, vertellen we het op het koor, of op de sportvereniging of sluiten we ons liever aan bij een homo sportvereniging? Hoewel de meeste mensen tolerant reageren zijn er altijd mensen waar we van houden die ons vertellen dat onze keuze in hun ogen niet acceptabel is omdat hun geloof het afkeurt. Ik weet niet of je kunt begrijpen dat dat pijnlijk is. Ik weet nooit hoe nieuwe mensen reageren en daarom kom ik niet altijd uit die kast en ben ik niet altijd open over mijn voorkeur. ~ wordt vervolgd.

Daisaku Ikeda

Daisaku Ikeda

Vandaag is het de 93e verjaardag van mijn leermeester Daisaku Ikeda. Toen ik in 2003 begon met het beoefenen van het Nichiren Boeddhisme was hij de president van de organisatie. (Hij heeft zich inmiddels als president teruggetrokken om de weg vrij te maken voor zijn leerlingen.) Veel van mijn medeleden spraken over ‘Sensei‘ wat mij als Nederlandse vrijgevochten vrouw een vreemd gevoel gaf. Ik herinnerde me een film met een wrede karateleraar die door zijn leerlingen Sensei werd genoemd en dit moesten blijven zeggen terwijl ze op zijn gebod vreselijke dingen deden. Het was een Amerikaanse film dus het liep goed af maar het woord Sensei dat simpelweg Leraar betekent had een nare klank voor me. Het duurde een paar jaar voordat ik kon zien dat ik veel leerde van Daisaku Ikeda omdat ik dagelijks zijn raad las en het duurde nog een paar jaar voor ik hem volmondig kon beschouwen als mijn leermeester. Daisaku Ikeda is een charismatische man die inspireert, prachtige foto’s maakt, mooie gedichten schrijft en me weet te raken met de dingen die hij zegt:

*Music could perhaps be called the most truly human form of dialogue we are capable of. Though people may differ in the color of their skin, the language they speak, their customs and ways, or the material culture which surrounds them, the power of music makes it possible for them to instantly communicate and respond to each other’s innermost feelings.

*The eyes of a poet discover in each person a unique and irreplaceable humanity. While arrogant intellect seeks to control and manipulate the world, the poetic spirit bows with reverence before its mysteries.

Uit de Nederlandse Wikipedia:

Daisaku Ikeda (Japan, 2 januari 1928) is een Boeddhistisch filosoof, auteur en activist. Sedert zijn 19 jaar bestudeerde en beoefende hij het Nichiren Boeddhisme.

In zijn jonge jaren was hij actief in de jeugdbewegingen. Op 3 mei 1960 werd hij verkozen tot derde president van de Soka Gakkai, waarbij hij hier de rol van de jeugd stimuleerde. Daarnaast stichtte hij de Komeito, een politieke partij die door de Soka Gakkai werd gesteund.

Ikeda is eveneens bekend als anti-atoom activist.

Uit de Engelse Wikipedia:

Daisaku Ikeda (池田 大作, Ikeda Daisaku, born 2 January 1928) is a Japanese Buddhist philosopher, educator, author, and nuclear disarmament advocate.He has served as the third president and then honorary president of the Soka Gakkai, the largest of Japan’s new religious mouvement. Ikeda is the founding president of the Soka Gakkai International (SGI), the world’s largest Buddhist lay organization, which declares approximately 12 million practitioners in 192 countries and territories, of whom more than 1.5 million reside outside of Japan as of 2012.

Ikeda was born in Tokyo, Japan, in 1928, to a family of seaweed farmers. He survived the devastation of World War II as a teenager, which he said left an indelible mark on his life and fueled his quest to solve the fundamental causes of human conflict. At age 19, Ikeda began practicing Nichiren Buddhism and joined a youth group of the Soka Gakkai, which led to his lifelong work developing the global peace movement of SGI and founding dozens of institutions dedicated to fostering peace, culture and education.[] His accomplishments are honored internationally; in Japan, he has been subject to political controversies surrounding the party Kōmeitō which he founded.

In the 1960s, Ikeda worked to reopen Japan’s national relations with China and also to establish the Soka education network of schools from kindergartens through university levels, while beginning to write what would become his multi-volume historical novel, The Human Revolution, about the Soka Gakkai’s development during his mentor Josei Toda’s tenure. In 1975, he established the Soka Gakkai International, and throughout the 1970s initiated a series of citizen diplomacy efforts through international educational and cultural exchanges for peace. Since the 1980s, he has increasingly called for nuclear disarmament. Ikeda’s vision for the SGI has been described by Olivier Urbain, then director of the Toda Peace Institute founded by Ikeda, as a “borderless Buddhist humanism that emphasizes free thinking and personal development based on respect for all life.”

By 2015, Ikeda had published more than 50 dialogues with scholars, peace activists and leading world figures. In his role as SGI president, Ikeda has visited 55 nations and spoken on subjects including peace, environment, economics, women’s rights, interfaith dialogue and Buddhism and science. Every year on the anniversary of the SGI’s founding, 26 January, Ikeda submits a peace proposal to the United Nations.

Verbonden en verbanden

Vage foto vanwege de schoonheid van de grote bonte specht.

Wat zijn er voor verbonden en vanzelfsprekendheden tussen vogels?
Sinds een jaar of wat hangt er voer voor vogels in mijn tuin. Ik heb vooral vetbollen waar ik wel heel netjes de netjes van af knip, soms heb ik ook een vetblok, soms een netje pinda’s maar altijd een container met zaden. Ik geniet er enorm van. Als ik iets nieuws ophang duurt het altijd een dag voordat de eerste vogels komen. En dan is het net alsof ze elkaar vertellen dat er in de binnentuinen tussen Jeker en Biesbosch eten te halen valt. Volgens vriendin J is dat ook zo. Wat zie ik allemaal in de tuin? Wie zie ik?
Koolmees
Pimpelmees
Roodborstje
Stadsduif
Kraai
Grote bonte specht
Mus
Boomkruiper
Halsbandparkiet
Spreeuw
Ekster
Gaai

Wat ik veel zie is een samenwerking tussen de vrolijke en energieke halsbandparkieten en de ietwat indolente stadsduiven. De duiven scharrelen op de grond en de halsbandparkieten hangen op hun kop of aan een poot en pakken slordig met hun snavels waar ze bij kunnen, veel van wat ze eten valt op de grond waar de duiven zich ophouden en zonder verder enige moeite te hoeven doen pikken deze dikke duiven de zaadjes op. Erg schattig vind ik de pimpelmeesjes, zij komen aanvliegen, grijpen bijna in hun vlucht een zaadje en vliegen er meteen mee weg om het op een plek buiten mijn gezichtsveld op te smikkelen.

Laatste dag van 2020

Zo voelt het, dyscalculie

Laatste dag van 2020. Vanavond is de jaarwisseling en mensen wensen elkaar een goede jaarwisseling. Twee en twintig jaar geleden wensten wij elkaar een prettige eeuwwisseling, het klonk zo natuurlijk maar mijn mond en tong en stem zullen dit nooit meer zeggen.
Ik heb dyscalculie, moet ik nu zeggen dat ik dyscalculitisch ben? Is dat een woord? Heel lang, wist ik niet dat er een woord bestond voor mijn problemen met cijfers. Ik dacht dat het iets van mij was en ik had geen idee dat dit iets was wat meer mensen hadden. Ik kon de cijfers nooit zeggen, tot duizend ging nog wel maar na de duizend wist ik echt niet hoe ik b.v. 34098533 moet zeggen en nu eerder in dit stukje heb ik op mijn vingers geteld hoe veel jaar het geleden is dat wij prettige eeuwwisseling zeiden en kwam ik op twee en twintig jaar. Ik weet niet of het klopt dat het tweeëntwintig jaar is en ik weet ook niet hoe ik dit uit moet rekenen.
Buiten mijn deur is iemand dik aan het knallen. Geen vuurwerk dit jaar, ik ben daar zo mee in mijn sas. Ik hou van rust. Natuurlijk mis ik concerten en natuurlijk mis ik dansen maar ik ben van de rust gaan houden net zo als ik ben gaan houden van mijn eigen gezelschap. Ik ben opnieuw alleen. Dat is niet heel vreemd voor mij want al heel lang ben ik graag alleen op het moment van de jaarwisseling. Vroeger ging ik nog met vriendin Lidi om 12 uur naar Saarein waar wij onze vriendinnen Dees en Stel zagen die altijd vuurwerk hadden, Bernie was er ook en meer ouwe trouwe Saareingangers wat ik al bijna dertig jaar niet meer ben.
Het jaar 2020 is bijna voorbij, wat klonk dat mooi 2020 maar het was niet een mooi jaar. Het was een jaar waarin grote verschillen tussen mensen naar boven kwamen. Dit heb ik het meest pijnlijke van 2020 gevonden. Ik heb niemand verloren aan Corona, niemand die ik kende is er aan bezweken maar toch ben ik mensen kwijtgeraakt door Corona.
Na de nacht is het 2021.
Ik wens jullie allen helderheid, warmte, gezondheid, vrolijkheid, leven.

2020

Zesentwintig november De Mirandabad met afdruk van bril op hoofd

2020 is bijna voorbij. Ik weet niet wat ik dacht een jaar geleden maar ik had zeker niet gedacht dat alles zo anders zou zijn. Jos en ik waren alweer begonnen met de voorbereidingen voor de zesde LoveSwim, een van mijn hoogtepunten van het jaar. Eind 2019 hoorden we voor het eerst over een raar soort griep in China, ik zag een huilende Chinese mevrouw die huilde dat haar regering niets deed, een Chinese arts die erover verteld had werd vervolgd en stierf toen, dat het naar Nederland zou komen had ik niet gedacht maar het kwam steeds dichterbij en al snel beheerste het het hele leven. Het ging nergens anders meer over en begin Maart was ik Coronamoe. Eigenlijk net voor het hier toe sloeg meende ik Coronamoe te zijn. Nu negen maanden later ben ik helemaal niet Coronamoe meer.

Corona riep veel op, mensen die ik kende ontpopten zich tot Complotdenkers en zeiden in mijn ogen onbegrijpelijke dingen over waarom een heel land afsluiten ten behoeve van de zwakkeren in onze samenleving en dat Bill Gates een chip in het vaccin zou stoppen waarmee hij ons ging volgen. Een complot denkende vriendin zei de vriendschap op. Sommige mensen die ik kende kregen Corona en waren behoorlijk ziek. Zwemtrainingen in binnenbaden werden opgeschort, de sportschool ging dicht maar het buitenbad van De Mirandabad bleef open en daar zwom ik een paar keer per week in vijfenveertig minuten een dertigtal baantjes. Een oude vriendschap herstelde zich. En eigenlijk genoot ik, ondanks alles, van de rust van dit jaar.

Gedicht aan mezelf door Charlie Chaplin

TOEN IK MEZELF BEGON LIEF TE HEBBEN
Toen ik mezelf begon lief te hebben,
kon ik zien dat emotionele pijn en lijden alleen waarschuwingen zijn,
dat ik niet mijn eigen waarheid leef.
Nu weet ik: dat is AUTHENTICITEIT
Toen ik mezelf begon lief te hebben,
begreep ik hoezeer het iemand kan beledigen als ik probeer mijn
verlangen bij hem door te drukken, zelfs als ik wist dat de tijd er niet rijp
voor was en de persoon er niet klaar voor was
en zelfs als ikzelf die persoon was
Nu weet ik : dat is RESPECT
Toen ik mezelf begon lief te hebben,
ben ik gestopt te verlangen naar een ander leven
en kon ik zien dat alles rond om mij een uitnodiging is om te groeien.
Nu weet ik, dat is RIJPHEID.
Toen ik mezelf begon lief te hebben,
begreep ik dat ik altijd en bij elke gelegenheid,
op het juiste moment en op de juiste plaats ben,
en dat alles wat er gebeurt, juist is.
Vanaf dat moment was ik rustig.
Nu weet ik: dat is VERTROUWEN.
Toen ik mezelf begon lief te hebben,
ben ik gestopt mijn vrije tijd te verspillen
en ben ik gestopt grootse projecten voor de toekomst te bedenken.
Vandaag de dag doe ik alleen dat waar ik blij van wordt,
waarvan ik hou en wat mijn hart doet lachen,
op mijn eigen manier en in mijn tempo.
Nu weet ik: dat is EENVOUD
Toen ik mezelf begon lief te hebben,
heb ik me bevrijd van alles wat niet gezond voor me is,
voedsel, mensen, dingen, situaties
en vooral wat me naar beneden haalde, weg van mijzelf.
Aanvankelijk noemde ik het “gezond egoïsme”
maar nu weet ik: dat is LIEFDE VOOR JEZELF
Toen ik mezelf begon lief te hebben,
stopte ik met proberen om altijd gelijk te hebben
en sindsdien had ik minder vaak ongelijk.
Vandaag heb ik ontdekt : dat is BESCHEIDENHEID
Toen ik mezelf begon lief te hebben,
weigerde ik om verder in het verleden te leven
en weigerde ik mij om me zorgen te maken over mijn toekomst.
Nu leef ik alleen op dit moment, waar alles plaats vindt.
Ik leef nu dus „dag voor dag” en noem het VERVULLING
Toen ik mezelf begon lief te hebben
herkende ik dat mijn denken me kan verstoren en me ziek kan maken.
Maar als ik verbinding maak met mijn hart, wordt mijn denken een
waardevolle bondgenoot.
Vandaag noem ik die verbinding : WIJSHEID VAN HET HART
We hoeven niet bang te zijn voor verdere discussies, conflicten
en problemen met onszelf en anderen,
want zelfs sterren botsen soms op elkaar
en daaruit ontstaan nieuwe werelden.
Vandaag weet ik: dat is LEVEN
Charlie Chaplin, 16 April 1959 (70e verjaardag)

Zwemmen & depressie

Zo zwom ik elke dag. Ik lette op de andere zwemmers om mijn slag te verbeteren en hoewel ik aller langzaamst zwom zwom ik gestaag. Meestal bleef het bij 500 meter, dat vond ik mooi genoeg. Een vrouw die ik kende uit het Vrouwencafé zwom ook in het Marnixbad. Zij vond het maar niks dat ik geen kilometer zwom en gaf me commentaar maar gelukkig trok ik me er niet veel van aan, hoewel het me nu na bijna dertig jaar nog haarscherp voor de geest staat. Ik voelde mij nog steeds beroerd, het zwemmen was het enige waar ik me goed over voelde. Het me slecht voelen had vooral met mezelf te maken, ik haatte mezelf, ik vond mezelf waardeloos en dat betekende dat ik mezelf zonder enige waarde zag; ik kon niks, de enige reden dat ik nog leefde was dat ik mezelf beloofd had dat ik me niet van kant zou maken.
Ondertussen wist niemand hoe ik mij voelde, ik dwong mezelf te glimlachen en rechtop te lopen en in deze ellende ontmoette ik JC en werden we verliefd. Hoe is het mogelijk denk ik nu dat zij verliefd op mij werd terwijl het er in mijn hoofd en hart zo slecht aan toeging. ~ wordt vervolgd


Echt goede foto’s zijn er niet bij depressie en zwemmen al zie ik wel een bericht van een van de beste zwemmers van deze nog jonge eeuw, Michael Phelps die last had van een depressie tijdens zijn carrière:

De Amerikaan Michael Phelps, de beste zwemmer aller tijden met 28 olympische medailles waarvan 23 gouden, heeft op een persconferentie over mentale gezondheid in Chicago uit de doeken gedaan dat hij tijdens zijn carrière sukkelde met zwaar depressieve periodes. De meest ernstige kwam er na de Olympische Spelen van 2012 in Londen. Toen dacht hij na over zelfmoord. “Na elke olympiade kende ik een depressieve periode”, stak Phelps, die na de Spelen van 2016 in Rio definitief een punt zette achter zijn zwemcarrière, van wal. “Na de Spelen in Londen was het het ergste. Ik wilde niet meer zwemmen, zelfs niet meer leven. Dan denk je na over zelfmoord. Ik heb me nooit zo slecht gevoeld als in die periode. Ik bleef soms drie tot vijf dagen alleen op mijn kamer, zonder te eten en amper te slapen. Ik was het leven beu.”

Phelps kende na de Spelen van 2004 in Athene zijn eerste postolympische depressie. Vier jaar later, na met acht olympische titels het record van zijn landgenoot Mark Spitz van de tabellen te hebben gezwommen, vluchtte hij in alcohol. Er ging ook een foto van Phelps die marihuana rookte de wereld rond. “Ik vluchtte weg van mijn problemen op dat moment”, aldus Phelps.

Ook weet ik dat Ian Thorpe kampte met depressie al had dat ongetwijfeld te maken met het feit dat hij als homoseksueel in de kast zat en daar niet uit durfde te komen.

Een vrouwelijke zwemkampioene met depressie is mij niet bekend en ik wil hier ook niet over speculeren.

Mijn eerste poging borstcrawl

Dit plaatje geeft een idee al leren we nu onze arm vlak onder het oppervlak vooruit te strekken.

Terwijl ik daar zo dapper zwom in het Marnixbad zag ik links en rechts de borstcrawljongens en meisjes door het water zoeven. Wat zag dat er toch mooi uit, veel mooier dan die houterige schoolslag, vloeiend en op een bepaalde manier moeiteloos. Het Marnixbad bood slagtraining, je kon je inschrijven voor acht keer en dan leerde je de basis voor de borstcrawl. Ik schreef me in en ging elke week voor een uurtje extra naar het Marnixbad om de borstcrawl te leren. Na die acht keer ging ik vol verwachting zwemmen in de borstcrawlbaan. Ik kroop voort, probeerde in praktijk te brengen wat ik in de les geleerd had en hing na één baan amechtig aan de kant. Maar ik had het gehaald! En net zoals ik weer was begonnen, het ene baantje de ene dag en de volgende dag een baantje erbij enzovoorts en zo verder volhardde ik in het leren zwemmen van de borstcrawl. Opnieuw ging ik voor de vijfhonderd meter. Onderweg werd ik aangesproken door een jonge man, ik zie steeds dat je bijlegt, zei hij, hij deed voor wat ik had geleerd op de les, je moet je hand eerder doorhalen deed hij voor, zoals je nu zwemt heb je elke keer een stil moment maar je moet door zwemmen. Hij had gelijk. Ik deed wat hij zei en het ging steeds beter. ~ wordt vervolgd.

%d bloggers liken dit: