Pauze

Pause Banner with Glitch Noise Retro Effect

Onderweg op de fiets merkte ik het gerommel.
Het zwemwater was warm. We oefenden vlinderslag. Ik zwem in baan 2, baan 1 is voor de beginners, baan 2 voor de minder snelle zwemmers waar ik al geruime tijd toe behoor. Verder omlaag kan ik niet, gelukkig maar. Er wonen een paar mensen in deze baan maar sommige van ons kunnen ook in baan 3. Daar was ik ook ooit, Ik woonde daar lang maar na mijn zestigste belandde ik in baan 2. Het is gezellig in baan 2. Volgens mij komt het door S, een ontzettend aardige veertiger die ik zelf nog de basis beginselen van het zwemmen heb geleerd, hij is warm en vriendelijk, my kind of guy.
Het zwemmen ging goed maar halverwege moest ik eruit, het gerommel wilde verlichting. Als laatste oefening stelden S en A, een leuke meid, 100 meter wisselslag voor, vlinder, rug, school, vrij, ik deed mee maar stopte na de rug, ik was moe. Ik kreeg mezelf amper de trap op. De terugweg was langzaam en ver. Het is natuurlijk moe te zijn na inspanning maar deze moeheid kon ik niet verklaren. Vanochtend was ik droef, chagrijnig en misselijk. Nu neem ik pauze.

Gelijkmatigheid

Ik ben gezegend met een gelijkmatig karakter en humeur. Misschien is het wel meer dat ik gezegend ben met een gelijkmatig karakter en opgeruimd humeur. Of kan ik het nog duidelijker maken en ben ik gezegend met een opgeruimd karakter? Mezelf woedend opblazen van het een op het andere moment ken ik niet echt. Vroeger werd ik vaak huilend wakker maar sinds ik het boeddhisme van Nichiren Daishonin beoefen heb ik daar gelukkig weinig last meer van. Hier wil ik je best wel uitgebreid over vertellen, stuur me een berichtje. Ik slaap al jaren niet echt goed. Tegenwoordig slaap ik redelijk goed in en word midden in de nacht wakker, met een Luisterboek val ik na een tiijd weer in slaap. Vaak een beetje saai luisterboek zodat ik er makkelijk bij in kan slapen. Rond een uur of zeven word ik weer wakker. Meestal blijf ik nog een tijd liggen en luister wat naar Blendle. Als ik er klaar voor ben maak ik koffie en na mijn eerste slok is de dag begonnen. Nu ik niet meer mijn koffie met melk drink houd ik vaak wat over en drink ik ‘s morgens eerst een koud kopje en maak ik later nog wat. Vandaag zette ik mijn percolator op het gas en vraag me niet waarom, met het vuur laag. Dat doe ik nooit. Ik zet het vuur altijd hoog en op een gegeven moment, na een minuut of drie hoor ik gepruttel en ruik ik de koffie. Dit keer geen gepruttel en geen geur van koffie. Ik was bezig met het maken van een nieuwsbrief, het ging leuk en ik was tevreden, ik lette nergens meer op en was geconcentreerd bezig. En toen kreeg ik honger. Ik ging de keuken in om iets te gaan koken. Wat rook het vreemd, en daar was het, de percolator stond op het lage vuur, de onderzetter rood van hitte, de koffie bijna verkookt. Ik haalde het eraf, zette het op een nieuwe pannenlap waar meteen een zwarte verbrande plek op zat….koud water, sissen, koffie stank, koffie verbrand en mijn hele gelijkmatige karakter en humeur waren van slag. Weg goede humeur. Ik was ontdaan. Met een verwarde kop liep ik rond. Tot ik uren later de spreeuwen zag die boven mijn straat en mijn tuin een zwerm wilden vormen. Even vergat ik alles, en dat bracht me weer terug bij mezelf en mijn gelijkmatigheid.

Perfect

Perfect.
Ik zou mezelf geen perfectionist noemen. Er kleeft iets aan dat woord dat me niet bevalt. Ik geloof niet in perfect. Perfect is niet mogelijk en waarom zou iets perfect moeten zijn? Een aantal jaren geleden toen ik werkte voor M realiseerde ik me dat ik alles perfect wilde doen en dat ik enorm veel mee moeite had als ik iets niet goed deed. Het drong tot me door dat dat is wat me desondanks tot een perfectionist maakt. Mezelf aanmoedigen met: iedereen doet wel eens iets niet goed, hielp me helemaal niets. Het moest goed zijn. Wat zeg ik? Perfect. Ik wilde niet dat zij iets over mij te klagen had . Ik wist toen niet of het met haar te maken had, omdat ik voor haar alles goed wilde doen maar vandaag gebeurde er iets dat me zo een naar gevoel gaf dat ik dacht: Oh ja zie je wel ik ben gewoon een perfectionist en ik wil en moet alles goed doen. Alles moet uitgedacht en ingepland, meestal lukt me dat maar net als iedereen maak ik ook wel eens een fout. Me realiseren dat ik me daarom zo voelde hielp. Ik begreep het. Het was die fout.

Geluidsdrama

Het deksel was ook een speaker.

Geluid.

Muziek is altijd belangrijk voor me geweest. Mijn broer beïnvloedde me maar ik heb natuurlijk ook mijn eigen muziek smaak ontwikkeld. Als jong kind hield ik van Willeke Alberti die zong over jonge liefde. Mijn eerste plaatje was: ‘Vanavond om kwart over zes ben ik vrij’ dat ik draaide op mijn koffergrammofoon. Hierna werd ik fan van Martini Bijl en ging ik vaak naar optredens van haar voor de radio bij het zondag middagprogramma Muzikaal Onthaal. Ik hield niet alleen van Martini Bijl maar ook van The Animals, Cream, The Kinks, Janis Joplin en natuurlijk van Melanie. Toen mijn pleegoma stierf liet zij ons wat geld na dat vrij kwam toen ik 21 werd. Het was een aardig bedrag en ik besloot het uit te geven aan een muziek installatie. Ik las alles erover wat ik kon vinden. Nu googlen we maar ik ging naar de Technische Afdeling van de Bibliotheek en ik las alles over watten en ohms en wat voor versterkers en boxen ik nodig had. Ik heb meer dan vijfentwintig jaar van de installatie genoten maar nu lukt me niets meer. Mijn versterker blijkt toch niet kapot maar mijn ene speaker doet het niet. Issie kapot?

Tijd

De tijd die glijdt, de tijd die glijdt voorbij. De seconde die ik vasthoud is de seconde die ik los laat en de seconde die voorbij is keert niet weer. Meestal is dat geen reden voor verdriet behalve die ene keer toen het jaar voorbij was en ik me realiseerde dat die tijd nooit meer terug kwam. De tijden komen, de tijden gaan en het moment kunnen we niet vast houden. Niets kunnen we vasthouden. We kunnen alleen maar onthouden en zo houden we het toch, vast. Vergeet dit nooit denk ik en zo denk ik aan die keer dat ik op de Europaboulevard tweestemmig met R in de auto zong, of die keer dat ik tot diep in de nacht in de auto met J op de Scheldestraat keihard meezong met Susan Boyle, I dream a dream. Vooral de zin: I dreamed, that love would never die…… dat liefde nooit dood gaat. Dat liefde altijd blijft en al verstrijkt de tijd liefde blijft. Is liefde het enige dat blijft? En blijft de liefde wel? Die ene keer dat ik daar stond op het Matthijs Vermeulenpad en mijn hart brak. Al verstrijkt de tijd of vliegt de tijd. Tijd is niets.

Eigendunk en eigenwaarde

Ik heb een erg laag zelfbeeld wat ronduit belachelijk is omdat ik verbluffend prachtig ben.

Behoorlijk bijzonder

Een aantal jaren geleden las ik een studie waarin werd aangetoond dat de meeste mensen zichzelf behoorlijk bijzonder vinden. Nee dit is geen fake news voor zover ik weet. (Maar tegenwoordig ben ik nergens meer zeker van: zo las ik laatst dat amandelmelk zorgt voor het uitsterven van bijen maar is dat waar of onwaar? ) Terug naar dat wij ons zelf bijzonder vinden. Ik vind mijzelf ook erg bijzonder en samen met vriendin C die eerst vriendin H was riepen wij enkele jaren geleden steeds uit dat wij zo bijzonder waren. Waarom ik zo bijzonder ben weet ik niet meer en wat mij zo bijzonder maakt weet ik ook niet meer. Maar ondanks dat wij mensen ons zelf zo bijzonder vinden hebben we weinig gevoel van eigenwaarde en een laag zelfbeeld. In de meeste serieuze gesprekken die ik heb hoor ik vooral dat mensen op zichzelf neerkijken. Hoe vreemd is dat? We vinden ons zelf bijzonder en kijken op ons zelf neer. Of haal ik nu twee onderzoeken door elkaar? Als ik ‘mens vindt zichzelf bijzonder’ google krijg ik dat 99% van de automobilisten zichzelf de betere automobilist vindt en ik krijg uitleg over narcistische persoonlijkheden.
De nieuwste hype in de psychologie van de koude grond.

Kattenliefde ~ 1

Ja de foto is van pixers

In de 45 jaar dat ik op mezelf woon waren katten mijn gezel. Mijn dierenliefde gaat vooral uit naar honden maar omdat een hond in een stad een andere benadering nodig heeft heb ik me verliefd in katten.
Ik heb er een aantal gehad. Mijn eerste kat was Mijntje, een kitten van mijn zus, zwart wit, Mijntje is op een gegeven moment bij de buren gaan wonen en nooit meer terug gekomen. Hierna had ik Koert en Kitty, Koert werd Koertimans en Kitty bleef Kitty. Ik woonde met mijn geliefde drie hoog op de Albert Cuyp. Op een zaterdagnacht kwamen we thuis en was Koertiman weg, de deuren naar het balkon stonden open en van ver hoorden we hem miauwen. We keken over de balkonrand en ontwaarden hem al schreeuwend in de tuin van de benedenburen, dat was een winkel en de tuin was meer een braak liggend lapje grond. Het was weekend en de winkel zou dicht blijven tot dinsdag. Hoe kregen we hem boven? Na wat hersengekraak knoopten we een lange elektriciteitsdraad aan het poezenmandje en lieten dat naar beneden zakken. Koertiman aarzelde maar niet te lang. Hij ging de kattenmand in en we takelden hem naar boven.

Verloren mensen?

Dit is niet Wim

Onderweg naar Jos met wie ik een borstcrawl training geef in het prachtige Laren passeerde ik een van die bankjes in Amsterdam waar verloren mensen opzitten. Vaak vergezeld van hun troost: een halve literfles bier en soms met tassen en boodschappenkarretjes. Ook deze avond, ik keek en dacht dat het een verloren vrouw was maar toen ik beter keek herkende ik Wim. Wim keek met een verdwaasde grijns naar de de andere kant. Ik had een behoorlijke snelheid omdat ik op tijd wilde zijn en de aanblik van Wim maakte dat ik nog sneller ging fietsen. Laf? De laatste keer dat ik Wim zag was zeker tien jaar geleden, toen hij voor vriendin Xaviera dingen fikste. Hij had gouden handen en kon alles maken wat hem gevraagd werd. Zij had hem ooit ergens opgepikt en had een korte affaire met hem gehad, hierna was hij in haar leven gebleven tot hij haar tien jaar geleden bestolen had. Telkens had hij kleine bedragen uit haar portemonnee genomen tot het tot een groot bedrag was geworden en het opgevallen was. En daar zat hij nu, op dat bankje. Op de terugweg uit Laren passeerden we een vrachtwagen die zijn naam droeg. Serendipiteit.

Ik ben goudeerlijk.

Waar ik moeite mee heb is als ik als niet betrouwbaar wordt gezien. Of is iemand die mij onbetrouwbaar vindt dat zelf? Er bestaat dat gezegde: ‘Zoals de waard is, vertrouwt hij zijn gasten’ ‘wat doet vermoeden dat je oordeel over iemand vooral wordt beïnvloed door hoe jezelf bent. Het onbetrouwbare zit in hem of haar. Ik vind van mezelf dat, op bepaalde gebieden, zoals met het geld van anderen, ik zo betrouwbaar ben als goud. Of ik kan wel zeggen: ik ben goudeerlijk. Nu ik dit op schrijf vind ik dat eigenlijk heel onbetrouwbaar want wie zegt dit nu openlijk over zichzelf? Volgens mij vooral mensen die helemaal niet betrouwbaar zijn want dat heb ik wel geleerd in de vijfenzestig jaar dat ik hier op het ondermaanse rondloop, juist die mensen die zeggen dat ze zo betrouwbaar zijn zijn vaak de grootste dieven. Of ben ik nu te achterdochtig? Natuurlijk heb ik wel eens overwogen op een oneerlijke manier aan mijn geld te komen maar ik zou er zo zenuwachtig van worden dat het me niet de moeite leek. Heb ik misschien een minder eerlijke inborst dan een grotere angst voor straf waardoor ik zo eerlijk als goud ben?

School

Mijn lagere school.

Wij waren met ons drieën thuis, drie kinderen. Mijn broertje die vier jaar ouder was en die al gauw een broer werd, mijn zusje die twee jaar ouder was en ik. Ik keek tegen allebei op, zij gingen al naar school terwijl ik nog niet naar school mocht. Elke morgen werden zij met een open truck opgehaald en zwaaide ik ze spijtig uit. Mijn broer snapte niks van mijn naijver. ‘School is net een gevangenis,’ zei hij, ‘je zit binnen en mag niks. Wees toch blij dat je nog niet naar school hoeft.’ Maar ik wist van niks en dacht dat het leuk was op school. Mijn zusje vond het wel leuk op school, ik denk dat zij het op school misschien leuker vond dan thuis, zij heeft de meeste tijd van haar leven op school doorgebracht en was dertig jaar docent wiskunde. Ik was zelf ook geen echte liefhebber van school. Ik hield wel van leren maar niet in de klas. Het leukste van school waren de andere kinderen en ook die waren niet altijd even leuk. Mijn lagere schooltijd was van de tweede tot de zesde een ramp, mooi gebouw van Dudok maar erg vol hel en verdoemenis.

School van binnen

De school is genoemd naar Herman Bavinck, een Nederlandse predikant, theoloog en politicus (1854-1921). Samen met Abraham Kuyper wordt hij beschouwd als grondlegger van het neocalvinisme en van de Gereformeerde Kerken in Nederland.

%d bloggers liken dit: